letselschade
VR 2026/57 Aanrijding tussen auto en voetganger. Aansprakelijkheid. Eigen schuld voetganger.
Op 11 september 2014 stak de toen 16-jarige X (verzoekster) over om een bus te halen en werd daarbij aangereden door een Volkswagen Caddy die van rechts kwam. De auto was van ALD Automotive en werd bestuurd door A (gedaagde). De auto was verzekerd bij de buitenlandse WAM-verzekeraar AXA Corporate Solutions, met Crawford & Company als schaderegelaar in Nederland. X raakte gewond en werd in het ziekenhuis geopereerd aan een gebroken kuitbeen. X verzoekt de rechtbank te verklaren dat A, ALD Automotive of AXA volledig aansprakelijk zijn voor haar schade, of anders het aansprakelijkheidspercentage
VR 2026/41, Civiele uitspraak Aansprakelijkheid reisorganisatie voor schade van gebroken glazen douchewand in hotel.
Eiser X had met Corendon een pakketreisovereenkomst gesloten voor een reis naar Turkije. De pakketreis bestond onder andere uit een retourvlucht van Amsterdam naar Bodrum en een verblijf in het Palmwings Beach Hotel in Kusadasi. De pakketreis was voor vier personen en bedroeg in totaal € 4.087,00. Tijdens het verblijf in Kusadasi is de glazen schuifdeur van de douchecabine in de hotelkamer van de familie X gebroken. Naar aanleiding hiervan stelt X Corendon aansprakelijk voor de materiële en immateriële schade die zij daardoor heeft geleden en nog zal lijden. Zij vordert onder meer een
VR 2026/40, Civiele uitspraak Val over transportdolly in supermarkt. Aansprakelijkheid supermarkt. Geen eigen schuld.
In september 2022 viel appellante X over een transportdolly die in het gangpad van een Albert Heijn to go (AH to go) stond. Zij heeft daarbij blijvend letsel aan haar voet opgelopen. De AH to go wordt geëxploiteerd door Albron op het terrein van Tilburg University. Albron erkende aansprakelijkheid voor het ontstaan van het ongeval, maar beriep zich op eigen schuld aan de zijde van X. In de deelgeschilprocedure oordeelde de rechtbank dat Albron aansprakelijk was, maar dat sprake was van 25% eigen schuld aan de zijde van X. In de daaropvolgende bodemprocedure achtte de rechtbank zich aan dit
VR 2026/39, Civiele uitspraak Overgangsrecht Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht.
In 2020 was appellant X betrokken bij een verkeersongeval waarbij hij met hoge snelheid met zijn motor tegen een auto botste die hem geen voorrang verleende. Hij heeft Unigarant, de WAM-verzekeraar van de auto, aangesproken tot vergoeding van zijn letselschade. De aansprakelijkheid is door Unigarant erkend. Om de omvang van de schade van X vast te stellen, acht hij medische expertises noodzakelijk. Daarom heeft hij op 19 december 2024 bij de rechtbank een verzoek ingediend tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht, waarbij hij benoeming verzocht van een KNO-arts, revalidatiearts
VR 2026/30 Aansprakelijkheid. Zzp-er werkzaam als onderaannemer aangevallen door bewoonster.
Verzoeker X is zelfstandig schilder en werkte als ZZP’er voor verweerster B bij een nieuwbouwproject. Na klachten over het schilderwerk kreeg hij opdracht tot herstelwerk bij een woning. Door miscommunicatie over de werkzaamheden en het tijdstip ontstond een conflict tussen X en de bewoners. De situatie escaleerde waarbij verweerder C hem fysiek aanviel. X liep lichamelijk en psychisch letsel op en heeft aangifte gedaan. Getuigen bevestigen het geweldsincident. In dit deelgeschil verzoekt X om hoofdelijke aansprakelijkheid van hen vast te stellen voor zijn schade als gevolg van de mishandeling
VR 2026/23 Ernstig verkeersongeval. Verhaalsvordering van verzekeraar. Aansprakelijkheid wegbeheerder
Op 8 september 2019 vond een aanrijding plaats op een fietspad in Haarlem tussen een bromfietser en een sportfietser. De sportfietser reed als laatste in een groep van vijf wielrenners. De botsing gebeurde bij de overgang van een houten brug naar asfalt, waar het pad smal is en een hobbel in het wegdek zit. De eerste vier fietsers konden de bromfietser passeren, maar de vijfde fietser botste tegen zijn spiegel en kwam ten val. De sportfietser overleed later aan zijn verwondingen. De bromfietser verklaarde dat hij snelheid minderde, probeerde uit te wijken en gepoogd had om de fietser te
VR 2026/22 Regresvordering verzekeraar. Aanvang verjaringstermijn. Redelijkheid en billijkheid.
In 2013 hield Ziggo een bedrijfsfeest bij evenementenlocatie Brothers. Een medewerker van Ziggo kwam daar ten val op een nabijgelegen parkeerterrein en liep daarbij blijvend letsel op. De verzekeraar van Ziggo, Nationale Nederlanden (NN), stelt dat Brothers naast Ziggo aansprakelijk is voor deze schade en vordert regres voor het aan de werknemer uitgekeerde bedrag van € 230.000,-. Brothers betwist die aansprakelijkheid en beroept zich op verjaring. De werknemer stelde Ziggo in 2017 aansprakelijk, waarna aansprakelijkheid aanvankelijk werd afgewezen. In 2019 vond een voorlopig getuigenverhoor
VR 2026/21 Dekman valt van schip. Letselschade. Aansprakelijkheid werkgever en/of schip.
Op 19 december 2012 raakte X als terminaloperator bij ECT ernstig gewond toen hij aan boord van het containerschip van Cosco Europe door een opening viel tijdens het sluiten van een scheepsluik. De looppaden waren rommelig door lashingmateriaal, ondanks herhaalde verzoeken van X om dit op te ruimen. Hierdoor kon hij de veiligheidsprocedure niet volledig volgen. ECT erkende aansprakelijkheid en stelde vervolgens Cosco aansprakelijk. Volgens het Marintec-rapport was het ongeval het gevolg van onveilige omstandigheden en het niet naleven van veiligheidsprocedures. In eerste aanleg vorderde ECT