Zoeken

258 resultaten gevonden

  1. VR 2016/129 Verkeersaansprakelijkheid; geen overmacht; geen eigen schuld.

    Jurisprudentie
    Bij een wielerwedstrijd in Oostenrijk is X bij een afdaling frontaal op een hem tegemoetkomende auto gebotst, bestuurd door Y (verzekerd bij Generali) die op deze weg (de B176) reed in strijd met het tijdelijke inrijverbod. X nam bij de afdaling de binnenbocht, op de linkerbaan. X heeft het ongeval niet overleefd. Y is in Oostenrijk strafrechtelijk veroordeeld voor dood door schuld, met als strafverminderende factor dat X door op de linkerbaan te rijden eigen schuld heeft gehad aan het ongeval. In de hoofdzaak vorderen de nabestaanden van X van Generali vergoeding van overlijdensschade
  2. VR 2016/13 Schadevergoeding na ongeval met hond en later optredend
    hartinfarct. Doorbreking causaal verband. Toepassing arrest HR Vermaat/Staat
    (NJ 1991/292). In de vrijwaring: regres op gedaagde nu is uitgekeerd op een
    particuliere...

    Jurisprudentie
  3. VR 2016/130 Ongeval bij gymoefening; geen schending zorgplicht.

    Jurisprudentie
    Op 9 september 2009 is X, toen leerling van groep 7/8, bij de gymles van het wandrek gevallen waarbij hij letsel aan zijn rechterelleboog heeft opgelopen. De gymdocent (gedaagde 2) heeft hem zijn arm onder de kraan laten houden en hem daarna in de schoolbus met de andere kinderen naar school terug laten gaan. De school heeft de ouders van X verzocht hem te komen ophalen. De huisarts heeft hen vervolgens doorgestuurd naar het ziekenhuis, waar X een gecompliceerde botbreuk bleek te hebben opgelopen waaraan hij ten tijde van het vonnis inmiddels driemaal is geopereerd. Eiseres is de moeder van X
  4. VR 2016/131 Immateriële schade na seksueel misbruik van minderjarigmeisje tijdens jarenlang verblijf in leefgemeenschap.

    Jurisprudentie
    Eiseres is vanaf haar dertiende jaar seksueel misbruikt door gedaagde tijdens jarenlang verblijf in leefgemeenschap, alsmede tweemaal van hem zwanger geraakt, ten gevolge waarvan zij beide keren een abortus heeft ondergaan. Eiseres vordert in onderhavige zaak immateriële en materiële schadevergoeding. Vooropgesteld wordt dat de hoogte van een immateriële schadevergoeding conform art. 6:106 BW naar billijkheid moet worden vastgesteld, waarbij rekening moet worden gehouden met alle omstandigheden van het geval, in het bijzonder de aard en ernst van de inbreuk en de gevolgen daarvan voor het
  5. VR 2016/132 Regres; letselschade; (geen) eigen schuld.

    Jurisprudentie
    In 2012 heeft er een ongeval plaatsgevonden waarbij Y met een auto voetganger X heeft aangereden. X had samen met een collega werkzaamheden verricht en stak met een stuk gipsplaat op aanwijzen van de collega (omdat hij door de gipslaat zelf links geen goed zicht had) de weg over. Halverwege stond hij stil omdat de collega (die Y zag aankomen) begon te schreeuwen. Y kwam uit een uitrit, vervolgde zijn weg en reed X (aan diens linkerkant) aan. A, de zorgverzekeraar van X, wil regres nemen op B, de WAM-verzekeraar van Y. Beide verzekeraars zijn aangesloten bij het convenant regres
  6. VR 2016/133 Verkeersongeval; geen overmacht.

    Jurisprudentie
    Eiseres was buschauffeur. Een werknemer van gedaagde is in een vrachtwagen tegen haar bus aangereden, waarbij eiseres zeer ernstig letsel heeft opgelopen. Gedaagde verweert zich in de procedure met een beroep op overmacht, omdat de chauffeur gedwongen zou zijn geweest uit te wijken in verband met een verkeersfout van een derde. De rechtbank passeert dit verweer, nu deze stelling in het geheel niet is onderbouwd en uit het dossier blijkt dat het ongeval is ontstaan toen de remmen van de vrachtwagen blokkeerden. Onder die omstandigheden heeft gedaagde niet aan haar stelplicht voldaan. Voorts kan
  7. VR 2016/134 Verkeersongeval; inhaalmanoeuvre; eigen schuld.

    Jurisprudentie
    X reed in een auto van gedaagde op een tweebaansweg. Nadat hij een weg aan de linkerzijde al bijna voorbij was, is hij plotseling linksaf geslagen. Daarbij is een ongeval ontstaan met eiser, die X op zijn motorfiets juist aan het inhalen was. Eiser heeft daarbij onder meer een geluxeerde enkelfractuur opgelopen. Gedaagde heeft aansprakelijkheid erkend, maar stelt dat eiser 65% eigen schuld heeft aan het ongeval. Daartoe wordt aangevoerd dat X weliswaar zonder richting aan te geven plotseling linksaf is geslagen, maar dat eiser heeft ingehaald op een kruising en niet in staat was zijn voertuig
  8. VR 2016/135 Deelgeschil; verkeersongeval; eigen schuld; bewijslast;
    omkeringsregel.

    Jurisprudentie
    Op 6 oktober 2013 vond een botsing plaats tussen X (motorrijder) en Y (automobilist) op de kruising van de Westpoortweg met de Abijanweg. De Westpoortweg is eerst een tweebaansweg en verbreedt zich kort voor de kruising tot een vierbaansweg, met twee banen voor rechtdoor en een uitvoegstrook aan beide zijden. Blijkens de VerkeersOngevallenAnalyse (VOA) kan niet precies worden vastgesteld wie op welke rijbaan reed. Het meest waarschijnlijk is dat Y op de rechterbaan voor rechtdoor reed en X op de linkerbaan. Terwijl X hem probeerde in te halen is Y linksaf gegaan, naar de uitvoegstrook aan de
  9. VR 2016/136 Verkeersongeval; bewijs toedracht; geen eigen schuld.

    Jurisprudentie
    Verzoeker reed op een snorscooter op het fietspad rechts naast de Parallelweg, waar verweerder in een auto reed. Op de kruising stonden de verkeerslichten voor beiden op groen. Verweerder is rechtsaf geslagen, waarbij verzoeker (die rechtuit ging en derhalve voorrang had op verweerder) niet meer kon stoppen en een ongeval heeft plaatsgevonden. Uit de verklaring die verweerder kort daarop (als verdachte) tegen de politie aflegde, blijkt dat hij verzoeker eerder wel had zien rijden op het fietspad, maar hem bij het afslaan over het hoofd heeft gezien. Hij heeft geremd zodra hij het geluid van
  10. VR 2016/137 Overmacht 185 WVW; gevaarzetting; eigen schuld.

    Jurisprudentie
    De Bornsche Beeklaan (BB) heeft twee smalle eenrichtingsstroken, gescheiden door een groenstrook. Deze weg wordt gekruist door een chicane. De automobilisten hebben voorrang op de fietsers die hiervan gebruikmaken, zoals is aangegeven met haaientanden. Verzoeker wilde (op 16 juli 2013) op zijn racefiets vanaf de chicane de BB oversteken, maar kwam in botsing met automobilist A (verzekerd bij Generali). In 2013 heeft de gemeente (verzekerd bij Achmea) de groenstrook voor het eerst ingezaaid. De groenstrook was ten tijde van het ongeval nog niet gemaaid. Verzoeker stelt dat hij door de hoge
  11. VR 2016/138 Verkeersongeval; eigen schuld; reflexwerking 185 WVW; geen
    overmacht.

    Jurisprudentie
    Verzoekster reed rond 23:00 uur op een scooter en moest plotseling hard remmen om verweerder te ontwijken, waarbij zij ten val kwam en haar enkel brak. Verweerder reed op een fiets zonder licht en negeerde het stopbord op grond waarvan hij verzoekster voorrang had moeten geven. De kantonrechter stelt voorop dat de beoordeling moet gebeuren aan de hand van 6:162 BW, waarbij 185 WVW reflexwerking heeft. Dat brengt mee dat, behoudens overmacht, een deel van verzoeksters schade voor haar rekening blijft. De 50%-regel is echter niet van toepassing. Voor overmacht is vereist dat verzoekster rechtens
  12. VR 2016/140 Deelgeschil aansprakelijkheid.

    Jurisprudentie
    Kort na het sluiten van een brug zijn twee motorbestuurders frontaal op elkaar gebotst. Verzoekster deed een inhaalmanoeuvre waardoor zij zich op de weghelft van de andere motorrijder bevond. Deze had het rode knipperlicht genegeerd. Verzoekster stelt zich op het standpunt dat beiden een verkeersovertreding hebben begaan en dus beiden aandeel hebben in het ontstaan van het ongeval. Verzoekster meent dat dit aandeel groter is aan de zijde van de andere motorrijder: als hij niet met hoge snelheid door het rode knipperlicht gereden was, onderwijl achteromkijkend, had zij haar inhaalmanoeuvre
  13. VR 2016/141 Deelgeschil; remincident; causaal verband.

    Jurisprudentie
    Verzoekers hebben op 24 september 2012 plotseling zeer hard moeten remmen voor een container die van een vrachtwagen op de weg viel. Zij droegen hierbij een gordel en een botsing heeft zich dankzij het harde remmen niet voorgedaan. Verzoekers stellen letselschade te hebben geleden en vorderen een verklaring voor recht dat causaal verband bestaat tussen het incident en hun klachten. De medisch adviseurs van zowel Achmea (de WAM-verzekeraar) als verzoekers zijn het er over eens dat er sprake is van pre-existente problematiek en dat het causaal verband niet eenvoudig kan worden vastgesteld. Er
  14. VR 2016/143 Juridische aspecten van de uitwegvergunning

    Artikel
    VR 2016/143 Juridische aspecten van de uitwegvergunning Mr. M.B.P. Kuitenbrouwer * * Juridisch medewerker op het gebied van het bestuursrecht, belastingrecht en pensioenrecht bij een organisatie in Midden-Nederland. Inleiding Over juridische vraagpunten betreffende de uitwegvergunning wordt zelden gepubliceerd. Met dit artikel wordt beoogd de lezer op de hoogte te brengen van de stand van zaken op dit gebied. Hierbij bespreek ik algemene aspecten van de uitweg, de uitwegvergunning, enige algemene aspecten van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, zes vaak voorkomende gronden voor
  15. VR 2016/144 Lichte educatieve maatregel alcohol en verkeer. Bewijsdeelname aan verkeer met geconstateerd ademalcoholpercentage.

    Jurisprudentie
    Appellant is door de politie aangehouden op verdenking van vernieling van een ruit van een portiekdeur en ramen van een auto. Bij het vervolgens bij hem afgenomen ademalcoholonderzoek is een hoger ademalcoholgehalte geconstateerd dan een bestuurder van een motorrijtuig is toegestaan. De politie heeft hiervan mededeling gedaan aan het CBR. Het CBR heeft appellant een lichte educatieve maatregel alcohol en verkeer opgelegd. Appellant is het niet eens met deze maatregel, omdat hij, naar gesteld, pas nadat hij heeft gereden te veel alcohol heeft gedronken om aan het verkeer te mogen deelnemen. De
  16. VR 2016/145 Snelheidsovertreding. Wegvak. Redelijke termijn. Reiskosten.

    Jurisprudentie
    Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een bestuurlijke sanctie opgelegd ter zake van “overschrijding maximum snelheid op autosnelwegen, met 22 km/h (verkeersbord A1)”. De stelling van de betrokkene dat bij elke samenvoeging van wegen opnieuw een verkeersbord met de toegestane maximumsnelheid moet worden geplaatst, is in zijn algemeenheid onjuist. Vooropgesteld wordt dat in juridische zin geldt dat de door middel van bord A1 van bijlage I bij het RVV 1990 aangegeven maximumsnelheid blijft gelden tot het punt waarop op grond van een ander verkeersbord een nieuwe
  17. VR 2016/146 Cassatieberoep tegen uitspraak in hoger beroep tegen
    deelgeschilbeschikking.

    Jurisprudentie
    Het betreft een cassatieberoep in hoger beroep tegen een deelgeschilbeschikking. Eerst behandelt de Hoge Raad de ontvankelijkheid van het beroep. Beroep tegen een deelgeschilbeschikking staat open, indien de rechter hiertoe verlof heeft verleend. Ook moet worden aangenomen dat ingevolge art. 1019cc lid 3 Rv in verbinding met art. 398 cassatieberoep openstaat tegen de uitspraak in het hoger beroep dat op de voet van art. 1019cc lid 3 Rv tegen een deelgeschilbeschikking is ingesteld. Vervolgens is aan de orde of de procedure die op de voet van art. 1019 cc wordt ingeleid een dagvaardings- of
  18. VR 2016/147 Aansprakelijkheid wegbeheerder; gebrekkige opstal;gevaarzetting.

    Jurisprudentie
    Eiseres is afhankelijk van een elektrische rolstoel. Toen zij op 21 november 2011 achteruit (via een schuine trottoirband) het trottoir wilde oprijden, is de rolstoel gekanteld en heeft eiseres letsel opgelopen. Zij stelt de gemeente als wegbeheerder aansprakelijk op grond van zowel art. 6:174 als 6:162 BW. Het hof zet de maatstaven voor toepassing van 6:174 (3.6.2) en 6:162 (3.6.3) uiteen en oordeelt (3.9-3.12) dat geen sprake is van een gebrekkige opstal, (3.13) dat de gemeente niet gehouden is om renovatieverslagen van de betreffende straat in het geding te brengen en (3.14) dat de gemeente

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!