letselschade

VR 2026/61 Ongeval tijdens bedrijfsuitje. Verlof in tussentijds hoger beroep van deelgeschilbeschikking.

Jurisprudentie

A viel tijdens een bedrijfsuitje van de elektrische step. Als gevolg daarvan heeft hij blijvend letsel opgelopen. Hij stelde zijn werkgever aansprakelijk voor de schade die uit het ongeval voortvloeide. Zowel de werkgever als haar bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar erkenden geen aansprakelijkheid, ook niet nadat een voorlopig getuigenverhoor had plaatsgevonden. Om duidelijkheid te krijgen, heeft A een deelgeschilprocedure gestart. De rechter oordeelde dat het bedrijfsuitje onder de werking van artikel 7:658 BW viel, omdat het in voldoende nauw verband stond met de werkzaamheden. Vervolgens

VR 2026/60 Aanrijding tussen automobilisten. Aansprakelijkheid. Bewijsvermoeden door rood rijden.

Jurisprudentie

Op 20 januari 2021 vond een aanrijding plaats tussen A en X (gedaagde) op een kruispunt van de N200. A reed rechtdoor richting Amsterdam en X sloeg linksaf. A botste tegen de rechterachterkant van de bestelbus van X. Het kruispunt heeft stoplichten die ervoor zorgen dat de twee richtingen nooit tegelijk groen licht hebben. Door de aanrijding liep A letselschade op. Zij is hiervoor verzekerd bij Achmea. De schade is door Achmea vergoed en zij is in de rechten van A gesubrogeerd. Nationale Nederlanden (NN) is de WAM-verzekeraar van X. Achmea vordert dat X aansprakelijk wordt gesteld voor het

VR 2026/58 Letsel aan vinger door beknelling tijdens tackle. Schending zorgplicht docent. Onrechtmatige daad.

Jurisprudentie
X (verzoekster) volgde sinds 2021 een opleiding aan O (verweerster sub 1). Op 4 oktober 2022 nam X deel aan een introductieles rugby. Tijdens het oefenen van tackles met docent A liep zij bij de tweede tackle letsel aan haar vinger op. In deze procedure vordert X van O en verzekeraar Allianz schadevergoeding voor het opgelopen letsel tijdens de rugbyles. De kernvraag is of docent A, werkzaam bij O, zijn zorgplicht heeft geschonden. Bij bewegingsonderwijs geldt een hogere zorgplicht dan bij gewone sport- of spelsituaties, omdat de relatie tussen docent en leerling een bijzondere

VR 2026/57 Aanrijding tussen auto en voetganger. Aansprakelijkheid. Eigen schuld voetganger.

Jurisprudentie

Op 11 september 2014 stak de toen 16-jarige X (verzoekster) over om een bus te halen en werd daarbij aangereden door een Volkswagen Caddy die van rechts kwam. De auto was van ALD Automotive en werd bestuurd door A (gedaagde). De auto was verzekerd bij de buitenlandse WAM-verzekeraar AXA Corporate Solutions, met Crawford & Company als schaderegelaar in Nederland. X raakte gewond en werd in het ziekenhuis geopereerd aan een gebroken kuitbeen. X verzoekt de rechtbank te verklaren dat A, ALD Automotive of AXA volledig aansprakelijk zijn voor haar schade, of anders het aansprakelijkheidspercentage

VR 2026/41, Civiele uitspraak Aansprakelijkheid reisorganisatie voor schade van gebroken glazen douchewand in hotel.

Jurisprudentie

Eiser X had met Corendon een pakketreisovereenkomst gesloten voor een reis naar Turkije. De pakketreis bestond onder andere uit een retourvlucht van Amsterdam naar Bodrum en een verblijf in het Palmwings Beach Hotel in Kusadasi. De pakketreis was voor vier personen en bedroeg in totaal € 4.087,00. Tijdens het verblijf in Kusadasi is de glazen schuifdeur van de douchecabine in de hotelkamer van de familie X gebroken. Naar aanleiding hiervan stelt X Corendon aansprakelijk voor de materiële en immateriële schade die zij daardoor heeft geleden en nog zal lijden. Zij vordert onder meer een

VR 2026/40, Civiele uitspraak Val over transportdolly in supermarkt. Aansprakelijkheid supermarkt. Geen eigen schuld.

Jurisprudentie

In september 2022 viel appellante X over een transportdolly die in het gangpad van een Albert Heijn to go (AH to go) stond. Zij heeft daarbij blijvend letsel aan haar voet opgelopen. De AH to go wordt geëxploiteerd door Albron op het terrein van Tilburg University. Albron erkende aansprakelijkheid voor het ontstaan van het ongeval, maar beriep zich op eigen schuld aan de zijde van X. In de deelgeschilprocedure oordeelde de rechtbank dat Albron aansprakelijk was, maar dat sprake was van 25% eigen schuld aan de zijde van X. In de daaropvolgende bodemprocedure achtte de rechtbank zich aan dit

VR 2026/39, Civiele uitspraak Overgangsrecht Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht.

Jurisprudentie

In 2020 was appellant X betrokken bij een verkeersongeval waarbij hij met hoge snelheid met zijn motor tegen een auto botste die hem geen voorrang verleende. Hij heeft Unigarant, de WAM-verzekeraar van de auto, aangesproken tot vergoeding van zijn letselschade. De aansprakelijkheid is door Unigarant erkend. Om de omvang van de schade van X vast te stellen, acht hij medische expertises noodzakelijk. Daarom heeft hij op 19 december 2024 bij de rechtbank een verzoek ingediend tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht, waarbij hij benoeming verzocht van een KNO-arts, revalidatiearts

VR 2026/30 Aansprakelijkheid. Zzp-er werkzaam als onderaannemer aangevallen door bewoonster.

Jurisprudentie

Verzoeker X is zelfstandig schilder en werkte als ZZP’er voor verweerster B bij een nieuwbouwproject. Na klachten over het schilderwerk kreeg hij opdracht tot herstelwerk bij een woning. Door miscommunicatie over de werkzaamheden en het tijdstip ontstond een conflict tussen X en de bewoners. De situatie escaleerde waarbij verweerder C hem fysiek aanviel. X liep lichamelijk en psychisch letsel op en heeft aangifte gedaan. Getuigen bevestigen het geweldsincident. In dit deelgeschil verzoekt X om hoofdelijke aansprakelijkheid van hen vast te stellen voor zijn schade als gevolg van de mishandeling

VR 2026/23 Ernstig verkeersongeval. Verhaalsvordering van verzekeraar. Aansprakelijkheid wegbeheerder

Jurisprudentie

Op 8 september 2019 vond een aanrijding plaats op een fietspad in Haarlem tussen een bromfietser en een sportfietser. De sportfietser reed als laatste in een groep van vijf wielrenners. De botsing gebeurde bij de overgang van een houten brug naar asfalt, waar het pad smal is en een hobbel in het wegdek zit. De eerste vier fietsers konden de bromfietser passeren, maar de vijfde fietser botste tegen zijn spiegel en kwam ten val. De sportfietser overleed later aan zijn verwondingen. De bromfietser verklaarde dat hij snelheid minderde, probeerde uit te wijken en gepoogd had om de fietser te

VR 2026/22 Regresvordering verzekeraar. Aanvang verjaringstermijn. Redelijkheid en billijkheid.

Jurisprudentie

In 2013 hield Ziggo een bedrijfsfeest bij evenementenlocatie Brothers. Een medewerker van Ziggo kwam daar ten val op een nabijgelegen parkeerterrein en liep daarbij blijvend letsel op. De verzekeraar van Ziggo, Nationale Nederlanden (NN), stelt dat Brothers naast Ziggo aansprakelijk is voor deze schade en vordert regres voor het aan de werknemer uitgekeerde bedrag van € 230.000,-. Brothers betwist die aansprakelijkheid en beroept zich op verjaring. De werknemer stelde Ziggo in 2017 aansprakelijk, waarna aansprakelijkheid aanvankelijk werd afgewezen. In 2019 vond een voorlopig getuigenverhoor