verkeersongeval

VR 2026/39, Civiele uitspraak Overgangsrecht Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht.

Jurisprudentie

In 2020 was appellant X betrokken bij een verkeersongeval waarbij hij met hoge snelheid met zijn motor tegen een auto botste die hem geen voorrang verleende. Hij heeft Unigarant, de WAM-verzekeraar van de auto, aangesproken tot vergoeding van zijn letselschade. De aansprakelijkheid is door Unigarant erkend. Om de omvang van de schade van X vast te stellen, acht hij medische expertises noodzakelijk. Daarom heeft hij op 19 december 2024 bij de rechtbank een verzoek ingediend tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht, waarbij hij benoeming verzocht van een KNO-arts, revalidatiearts

VR 2026/38, Civiele uitspraak Begrip ‘roekeloosheid’ conform artikel 7:952 BW. Botsing auto’s. Eigen schuld voorligger.

Jurisprudentie

Appellanten houden zich voor werk bezig met goederenvervoer over de weg. In januari 2021 botste A met zijn Dodge Ram achterop een auto die zonder verlichting vanaf een tankstation de weg opreed. De Dodge Ram was WA-verzekerd bij Allianz. Met de bestuurder van de aangereden auto is een minnelijke regeling getroffen, waarbij 75% van diens schade is vergoed door Allianz. Op de verzekering waren de voorwaarden BST16 van toepassing, waarin dekking bij opzet of roekeloosheid is uitgesloten, een mededelingsplicht geldt en een verhaalsrecht is opgenomen bij uitkering op grond van de WAM zonder dekking

VR 2026/29 Verkeersongeval wegens alcoholgebruik. Uitleg beding niet-uitkeren aan verzekerde.

Jurisprudentie

In de nacht van 23 februari 2022 raakte de auto van X total loss door een verkeersongeval. Hij werd naar het ziekenhuis gebracht. Volgens het proces-verbaal van de politie werd het ongeval veroorzaakt door een combinatie van alcoholgebruik, vermoeidheid en hoge snelheid, waardoor hij de macht over het stuur verloor en tegen de betonnen middenberm botste. Door het ongeval ontstond schade aan het wegdek en de middenberm, waarvoor Rijkswaterstaat de verzekeraar van X aansprakelijk stelde. Verzekeraar Univé heeft hiervoor € 33.438,97 betaald. Univé vordert maximaal € 5.000,- van X, vermeerderd met

VR 2026/25 Verkeersongeval. Geremd voor overstekende hond. Verkeersnoodzaak?

Jurisprudentie

Op 14 juli 2018 vond een verkeersongeval plaats op de A20. Daarbij botste een Renault Megane, bestuurd door Y en verzekerd bij Euro Insurances (vertegenwoordigd door AMS), met de rechtervoorzijde tegen de linkerachterzijde van een Kia Picanto. De Kia werd bestuurd door X en was verzekerd bij TVM. Het ongeval ontstond doordat de Kia, die op de linkerrijstrook reed, plotseling en krachtig afremde, waarna de achteropkomende Renault een aanrijding niet meer kon voorkomen. De rechtbank Den Haag oordeelde op 9 augustus 2023 dat TVM als WAM-verzekeraar aansprakelijk was voor de schade die uit het

VR 2026/23 Ernstig verkeersongeval. Verhaalsvordering van verzekeraar. Aansprakelijkheid wegbeheerder

Jurisprudentie

Op 8 september 2019 vond een aanrijding plaats op een fietspad in Haarlem tussen een bromfietser en een sportfietser. De sportfietser reed als laatste in een groep van vijf wielrenners. De botsing gebeurde bij de overgang van een houten brug naar asfalt, waar het pad smal is en een hobbel in het wegdek zit. De eerste vier fietsers konden de bromfietser passeren, maar de vijfde fietser botste tegen zijn spiegel en kwam ten val. De sportfietser overleed later aan zijn verwondingen. De bromfietser verklaarde dat hij snelheid minderde, probeerde uit te wijken en gepoogd had om de fietser te

VR 2026/14 Val van motor als passagier. Aansprakelijkheid bestuurder en WAM-verzekeraar.

Jurisprudentie

X (verzoekster) en A (verweerder) hadden in 2021 een affectieve relatie. Op oudjaarsavond wilden zij vanuit de woning van X in Rotterdam-Zuid met de motor van A naar de Erasmusbrug rijden om vuurwerk te bekijken. De motor was door A aangepast met een verlengde achterbrug, zonder de verplichte RDW-herkeuring. Voor het ritje werd de motor voorzien van een afneembaar passagierszitje zonder rugsteun voor X. Tijdens de rit trok A op bij een kruispunt, waarna X van de motor viel. A stopte direct en verleende eerste hulp terwijl een omstander 112 belde. X werd met spoed geopereerd aan zware

VR 2026/12 Eenzijdig ongeval bij zware regenval. Aansprakelijkheid wegbeheerder. Adequate maatregelen getroffen?

Jurisprudentie

In de nacht van 5 op 6 augustus 2023 vond zeer zware regenval plaats. Rijkswaterstaat ontving op 6 augustus om 6:08 uur een melding van water op het wegdek van de A4 richting Rotterdam ter hoogte van hectometerpaal 56,0. Naar aanleiding daarvan werd op de matrixborden een snelheidsbeperking van 70 km/u ingesteld en werd een weginspecteur naar de locatie gestuurd. Tien minuten later raakte X (eiseres) betrokken bij een eenzijdig ongeval op dezelfde plaats. Uit het proces-verbaal van de politie blijkt dat het voertuig van X in botsing kwam met de muur van het aquaduct. Door de regen was sprake

VR 2026/11 Hoger beroep: auto rijdt over voet van pakketbezorger. Overmacht en/of eigen schuld?

Jurisprudentie

In VR 2023/41 is eerder over de uitspraak van rechtbank Rotterdam geschreven. Op 15 februari 2019 stapte pakketbezorger X achter een geparkeerde vrachtwagen de weg op. Op dat moment reed automobilist A in haar elektrische auto langs de vrachtwagen. Zij zag X niet lopen en reed over zijn voet heen. Door de elektrische aandrijving van de auto hoorde X het voertuig niet aankomen. Als gevolg van dit ongeval liep X letselschade op. De rechtbank heeft eerder beslist dat de WAM-verzekeraar van A, Allianz, jegens X voor 65% aansprakelijk is voor zijn schade. Allianz is hiertegen in hoger beroep gegaan

VR 2026/10 Inzittende verzekering. Beroep op alcoholuitsluiting faalt. Sprake van gezinsverband.

Jurisprudentie

Op 23 mei 2015 overleed de bestuurder van een auto door een eenzijdig verkeerongeval. Het slachtoffer had bij Allianz een inzittendeverzekering afgesloten. X, de partner van de bestuurder, vorderde schadevergoeding bestaande uit begrafeniskosten en kosten van levensonderhoud. Allianz heeft de dekking primair geweigerd, omdat er geen sprake zou zijn van samenwoning in gezinsverband. Subsidiair is de dekking geweigerd vanwege de uitsluiting in geval van alcoholgebruik boven de wettelijke limiet. In eerste aanleg is de vordering van X toegewezen en is door de rechtbank geoordeeld dat zij

VR 2025/146 Kop-staartbotsing door overstekende eenden. Stelplicht en bewijslast verkeersfout. Eigen schuld?

Jurisprudentie

Op 30 maart 2022 remde X (eiser) op een 80 km-weg voor overstekende eenden. Hij kwam tot stilstand en kort daarna botste de achter hem rijdende A op zijn auto. X heeft als gevolg van deze kop-staartbotsing lichamelijke en materiële schade geleden en stelt A hiervoor aansprakelijk. X stelt dat hij beheerst remde vanwege een verkeersnoodzaak en dat A te hard reed en onvoldoende afstand hield. A is verzekerd bij Achmea en namens hem betwist Achmea deze stelling van X. Achmea stelt dat A met adaptive cruise control altijd op veilige afstand rijdt. Volgens Achmea maakte X onverwacht een noodstop