uitleg polisvoorwaarden

VR 2023/76 (met noot) Dekking onder WAM of SVI? Uitleg polisvoorwaarden. Bestuurder ex art. 4 lid 1 WAM.

Jurisprudentie
Op 5 november 2016 is automobilist A een eenzijdig ongeval overkomen. Passagier D trok vanaf de achterbank aan de handrem, waardoor de auto in een dwarsslip terechtkwam en naast de rijbaan tegen een betonnen pilaar botste. A en zijn bijrijder B droegen geen gordel en werden uit de auto geslingerd. Zij raakten zeer ernstig gewond, als gevolg waarvan B is overleden en A hersenletsel oploopt. A wordt volledig arbeidsongeschikt verklaard. Passagiers C en D raakten licht gewond. In het bloed van A wordt alcohol en cocaïne aangetroffen. D wordt strafrechtelijk vervolgd. De auto was overeenkomstig de

VR 2022/138 Uitleg polisvoorwaarden AOV. Geen zuivere schade- of sommenverzekering, maar gemengd karakter. Voordeelsverrekening niet redelijk.

Jurisprudentie

In 2017 is X en Y een ongeval overkomen. De door Y bestuurde auto, met X als passagier, is van achter aangereden door een door A bestuurde auto. X heeft hier meerdere klachten aan overgehouden. De auto van A is verzekerd bij Baloise, die aansprakelijkheid voor de gevolgen van het ongeval erkent. X en Y hebben zich voor afwikkeling van de schade eerst gewend tot hun SVI-verzekeraar ZLM. ZLM wikkelt de schade af met een slotuitkering, waarbij ze haar uitkering aan X deels met de door hem ontvangen AOV-uitkering verrekent. X en Y wenden zich tot Baloise voor de verdere afwikkeling van de schade

VR 2022/093 Naar betere praktische hanteerbaarheid van de opzetclausule

Artikel
VR 2022/093 Naar betere praktische hanteerbaarheid van de opzetclausule
Ter inleiding is een korte schets van de problematiek rond de opzetclausule wellicht welkom. Bij aansprakelijkheidsverzekeringen sluit de opzetclausule opzet van de verzekerde van dekking uit en het gaat er om hierbij een goed evenwicht te vinden tussen de belangen van verzekeraars, verzekerden (daders) en slachtoffers. Te bedenken valt dat de uitkering van de verzekeraar niet zelden het enige substantiële vermogensbestanddeel is waarover de dader beschikt. Er rijzen vragen als: moet onder opzet ook voorwaardelijk opzet vallen? Moet bepaald worden dat het opzet gericht dient te zijn zowel op de gedraging als op het gevolg daarvan of alleen op de gedraging? Moet de opzetclausule beperkt zijn tot het geval dat het opzet van de dader (de verzekerde) precies was gericht op het ingetreden feitelijk gevolg (zodat daarbuiten geen dekking bestaat), of moet de dekking ruimer zijn en ook het geval bestrijken dat het opzet van de dader was gericht op niet nader gespecificeerde gevolgen van vergelijkbare ernst? Denk bijv. aan de voorshands onduidelijke, uiteenlopende gevolgen die lukraak gerichte trappen tegen het lichaam kunnen hebben. Het is meermalen voorgekomen dat een opzetclausule in de rechtspraak anders werd uitgelegd dan verzekeraars bedoeld hadden. Dan kwam er een nieuw model opzetclausule om hun bedoeling te verduidelijken.

VR 2021/104 Verhaal verzekeraar op andere verzekeraar in twee hoedanigheden.

Jurisprudentie
In 2011 heeft een aanrijding plaats gevonden tussen een Lexus en een Mercedes. De Lexus werd door een medewerker van de garage opgehaald bij de berijder voor een onderhoudsbeurt in de garage. Het ophalen voorafgaand aan het onderhoud vond plaats in het kader van een "Red Carpet Treatment" die de garage biedt aan bezitters van een Lexus. De Lexus kwam tijdens het ophalen op de verkeerde weghelft terecht en kwam in aanrijding met de Mercedes. De Mercedes is WAM, casco en SVI verzekerd bij A. De Lexus is WAM-verzekerd bij B. De garagehouder heeft een garagepolis bij A, met daarop WAM-dekking voor

VR 2020/57 Letsel en verzekering:

Artikel
VR 2020/57 Letsel en verzekering: uitleg en inhoudstoetsing van algemene verzekeringsvoorwaarden Prof. mr. W.H. van Boom * * Hoogleraar civiel recht bij het Instituut voor Privaatrecht aan de universiteit Leiden. Met dank aan Milou Bonewit voor onderzoeksassistentie, en aan Charlotte Pavillon en Tycho de Graaf voor commentaar op eerdere versies. Delen van deze bijdrage, die werd afgesloten op 21 februari 2020, heb ik ontleend aan W.H. van Boom, 'Toetsing van algemene voorwaarden bij een arbeidsongeschiktheidsverzekering (HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1800)', Ars Aequi 2020, p. 60 e.v

VR 2020/52 Eenzijdig fietsongeval; dekking verzekering; polisvoorwaarden; uitleg 'verkeersongeval'.

Jurisprudentie
In de nacht van 25 op 26 mei 2018 is A een eenzijdig fietsongeval overkomen. A is op een kruising, toen hij uitweek voor een van rechts komende auto, ten val gekomen in een greppel. Hierbij heeft A een hoge dwarslaesie opgelopen. In deze procedure vordert A een verklaring voor recht dat het verkeersongeval is gedekt onder de SV Plus-verzekeringsovereenkomst die hij met B heeft gesloten en dat B de schade die hij (A) door het ongeval heeft geleden en nog zal lijden moet vergoeden. De rechtbank overweegt dat in de polisvoorwaarden staat vermeld dat in geval van een 'verkeersongeval' de

VR 2019/84 Verkeersongeval; sommenverzekering; verrekening uitkering metschadevergoeding.

Jurisprudentie
In 2015 is verzoekster een verkeersongeval overkomen toen zij in het donker op haar elektrische fiets reed. Bij een kruising zag verzoekster een voertuig staan van het bedrijf van verweerster 1 en daarnaast een busje van het bedrijf Bo-Rent. Het ongeval vond plaats doordat een medewerker van verweerster 1 een sleepkabel strak had gespannen boven het wegdek, zodat het busje van Bo-Rent uit het zand kon worden gesleept. Door verweerster 1 waren geen veiligheidsmaatregelen getroffen. Verzoekster is met haar fiets tegen deze kabel gereden, waardoor zij ernstig letsel heeft opgelopen. De

VR 2019/80 Verzekeringszaak; uitleg begrip 'opzettelijk veroorzaakteschade' in polisvoorwaarden.

Jurisprudentie
Op 23 juni 2014 heeft een incident plaatsgevonden bij het terrein van de Rooi Pannen (ROC) in Tilburg. Toen gedaagde - vluchtend voor een docent - in zijn auto wegreed van het terrein, is hij tegen een stagiair-toezichthouder aangereden. Als gevolg van deze aanrijding heeft de stagiair-toezichthouder letsel opgelopen. Gedaagde is strafrechtelijk vervolgd voor deze aanrijding en bij verstek veroordeeld voor mishandeling. Ten tijde van het ongeval was de auto van gedaagde verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid bij eiseres. Eiseres heeft aan de stagiair-toezichthouder een schadevergoeding

VR 2019/45 Deelgeschil; verkeersongeval; verrekening AOV met schadevergoeding?

Jurisprudentie
Op 5 oktober 2011 is verzoeker als fietser slachtoffer geworden van een verkeersongeval waarbij hij letsel heeft opgelopen. Hij was op dat moment werkzaam als ondernemer en had in dat verband een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten. De arbeidsongeschiktheidsverzekeraar heeft uitkeringen gedaan in verband met de arbeidsongeschiktheid naar aanleiding van voornoemd ongeval. Reaal is als WAM-verzekeraar jegens verzoeker aansprakelijk voor de schade als gevolg van het ongeval. Dit deelgeschil stelt de vraag aan de orde of de uitkeringen uit de AOV moeten worden verrekend met de

VR 2018/163 Verkeersongeval. Eigenaar wist dat bestuurder niet over
geldig rijbewijs beschikte. Geslaagd beroep op uitsluitingsclausule
polisvoorwaarden?

Jurisprudentie
Op 29 april 2008 vond een verkeersongeval plaats. Bestuurder van de auto was de toenmalig echtgenoot (gedaagde in vrijwaring) van gedaagde. De bestuurder beschikte op dat moment niet over een geldig in Aruba uitgegeven rijbewijs. Ten tijde van het ongeval was de auto op naam van gedaagde verzekerd bij Citizens. Door het ongeval veroorzaakte schade aan de auto van een derde is door Citizens aan die persoon vergoed. In art. 12 van de polisvoorwaarden van Citizens wordt schade die is veroorzaakt door een bestuurder die niet in het bezit is van een geldig rijbewijs uitgesloten van