Zoeken

151 resultaten gevonden

  1. VR 2018/113 Deelgeschil. Aanrijding bij inhalen/afslaan; eigen schuld.

    Jurisprudentie
    A reed in zijn auto over een weg binnen de bebouwde kom. Hij heeft snelheid geminderd en is vervolgens afgeslagen. Daarbij is hij in botsing gekomen met verzoeker, die op een motor bezig was A en de auto's achter A (die eveneens snelheid hadden geminderd) in te halen. De rechtbank is met verzoeker van mening dat hij zich ten tijde van de manoeuvre van A (afslaan) al zodanig dicht achter A bevond dat deze hem had moeten laten voorgaan. Door dit niet te doen heeft A art. 18 RVV geschonden en is hij aansprakelijk jegens verzoeker. Niet is komen vast te staan dat verzoeker voor A nog niet te
  2. VR 2018/114 Deelgeschil; eenzijdig verkeersongeval; bewijsrecht.

    Jurisprudentie
    Verzoeker was ten tijde van het ongeval in 2012 16 jaar. Hij zat in de auto bij vriendin A, een 24-jarige vrouw. Er bestaat onduidelijkheid over hun precieze relatie; volgens verzoeker vond A hem leuk, maar had hij haar zojuist verteld dat hij het contact wilde verbreken. De auto is in een slip geraakt en meerdere malen over de kop geslagen. A is daarbij overleden. Verzoeker heeft tegenover de politie onder meer verklaard dat A zich niet goed voelde en vreemde slingerbewegingen begon te maken, waarop hij het stuur zou hebben gegrepen in een poging de auto recht te houden. Uit de in opdracht
  3. VR 2018/115 Deelgeschil; begroting schade; vermogensschade of immaterieel
    nadeel?

    Jurisprudentie
    Verzoekster is alleenstaand en heeft geen kinderen. Zij exploiteert een kleine boerderij zonder economische opbrengst anders dan voor eigen gebruik. In 2013 is verzoekster als fietser aangereden, waarbij zij blijvend letsel heeft opgelopen. Univé heeft als WAM-verzekeraar van de bij het ongeval betrokken automobilist aansprakelijkheid erkend. Sinds het ongeval is verzoekster niet meer in staat de boerderij zelfstandig te exploiteren: een aantal cruciale werkzaamheden kan zij niet meer en moeten door derden worden verricht. Een tweezijdig ingeschakelde arbeidsdeskundige heeft de kosten van het
  4. VR 2018/116 Deelgeschil; whiplash; causaal verband; nader deskundigenbericht noodzakelijk.

    Jurisprudentie
    Na een achterop-aanrijding in 2010 ervaart verzoekster lichamelijke en psychische klachten die volgens haar medisch adviseur passen bij een whiplashtrauma. In 2014 heeft de rechtbank op verzoek van verzoekster een voorlopig deskundigenbericht bevolen, waarop in 2015 door een neuroloog (Bernsen) en een neuropsycholoog (De Bijl) rapporten zijn uitgebracht. Uit het rapport van Bernsen volgt onder meer (1) dat geen sprake is van objectieve afwijkingen, (2) dat wel sprake is van medisch gedocumenteerde klachten en (3) dat pre-existent reeds sprake was van onder meer hoofdpijnklachten en
  5. VR 2018/117 Deelgeschil; aanrijding tussen personenauto en lijnbus.

    Jurisprudentie
    Aanrijding tussen personenauto en lijnbus. Verzoekster zat als bijrijder in de personenauto, die voorrang moest verlenen aan de van rechts komende bus. De WAM-verzekeraar van Connexxion heeft aansprakelijkheid afgewezen. Verzoekster acht de bestuurder van de bus aansprakelijk, onder meer omdat hij te hard zou hebben gereden. Volgens Achmea daarentegen zou het ontstaan van het ongeval uitsluitend te wijten zijn aan de bestuurder van de personenauto. De rechtbank oordeelt dat de verkeersfout van de bestuurder van de personenauto, ten onrechte geen voorrang verlenen, zwaar weegt. Ook aan de zijde
  6. VR 2018/120 Aanmerkelijke schuld? Gevaar? Doorrijden na ongeval.

    Jurisprudentie
    Vrijspraak van zwaar lichamelijk letsel door schuld en het veroorzaken van gevaar voor verkeer op de weg. Het slachtoffer heeft op de fietsersoversteekplaats het eerste deel van de weg overgestoken en is vervolgens gestopt op de middenberm, dus voor de haaientanden die duidelijk maken dat de fietser aldaar voorrang dient te verlenen aan het autoverkeer. Vanaf de middenberm is hij het tweede deel van de weg overgestoken, alwaar tijdens het oversteken de Audi A6 tegen hem aan is gereden.Op basis van het strafdossier is niet vast te stellen dat de verdachte zich ervan bewust had moeten zijn dat
  7. VR 2018/121 Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Dode hoek.

    Jurisprudentie
    De verdachte, bestuurder van een vrachtwagen, volgt een motoragent op diens aanwijzing. Op een gegeven moment raakt de motoragent uit verdachtes zicht in een dode hoek van de vrachtwagen. De verdachte heeft zich daarvan geen rekenschap gegeven door naar voren te kijken of op het beeldscherm van zijn dodehoekcamera te kijken. Hij rijdt de motoragent aan die hierdoor zwaar wordt verwond. Aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend.
  8. VR 2018/122 Geen voorrang verlenen. Geen aanmerkelijke schuld. Gevaar.

    Jurisprudentie
    De verdachte heeft geen voorrang verleend aan een voor hem van rechts komende motorfiets. Er is sprake van een verkeersovertreding, te weten een voorrangsfout. Hoewel verdachte bekend was met de situatie ter plaatse en wist dat hij verkeer vanaf de Noord-Zuid voorrang moest verlenen, heeft hij dit niet gedaan omdat hij de motorrijder niet heeft gezien. Hiervoor is geen verklaarbare reden aan te wijzen. Er is niet gebleken dat verdachte was afgeleid of andere voor deelname aan het verkeer geldende wettelijke gedragsregels heeft overtreden. Naar het oordeel van de rechtbank is de gemaakte
  9. VR 2018/123 Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Aanmerkelijk onoplettend, onvoorzichtig en onachtzaam rijden.

    Jurisprudentie
    Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Verdachte heeft als bestuurder van een bromfiets en terwijl hij onder invloed van alcohol was een fietser aangereden. De fietser heeft letsel opgelopen door de aanrijding. Verdachte heeft aanmerkelijk onoplettend, onvoorzichtig en onachtzaam gereden. Het ongeval is dan ook aan verdachtes schuld te wijten. Hij is in aanmerkelijke mate tekort geschoten in de zorgvuldigheid die van hem als bestuurder mocht worden verwacht.De klachten, ontstaan door het (niet aangeboren) hersenletsel ten gevolge van het ongeval, zijn nog steeds aanwezig en hebben een grote
  10. VR 2018/124 Geslotenverklaring milieuzone. Bevoegdheid buitengewoon
    opsporingsambtenaar. Geautomatiseerde constatering overtreding. Bewijs.

    Jurisprudentie
    De betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd ter zake van “handelen in strijd met een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, bord C6 bijlage I RVV 1990," welke gedraging zou zijn verricht op 15 juli 2016 om 14.31 uur op de Erasmusbrug te Rotterdam.Op grond van de ten tijde van de gedraging geldende Beleidsregels boa is en boa bevoegd te handhaven op negatie van C borden (RVV 1990) in relatie tot de openbare orde. Het criterium openbare orde dient zo te worden verstaan, dat daaronder tevens valt het verbeteren van de leefbaarheid, bijvoorbeeld door
  11. VR 2018/125 Milieuzone Utrecht. Verkeersbesluit. Rechtmatigheidbebording. Rechterlijke taakverdeling. Sanctie.

    Jurisprudentie
    Volgens vaste jurisprudentie van het hof staat het niet ter beoordeling van de weggebruiker of een verkeersteken overeenkomstig de voorschriften en terecht is geplaatst. Dat is slechts anders in geval de situatie klaarblijkelijk zo afwijkend is van die waarop het verkeersteken betrekking heeft dat bij gevolg geven aan dat teken de veiligheid op de weg in gevaar zou worden gebracht.Inhoudelijke bezwaren tegen een verkeersbesluit dienen in de daarvoor openstaande bestuursrechtelijke procedure, die met voldoende rechtswaarborgen is omgeven, te worden aangevoerd.Indien de bestuursrechter in de hem
  12. VR 2018/126 Bekeuring op kenteken. Fietsendrager.

    Jurisprudentie
    Het kenteken op de op de auto bevestigde fietsendrager verschilt van dat op de auto. Doorgaans zal de sanctie in zaken als de onderhavige kunnen worden opgelegd aan degene op wiens naam het kenteken op de fietsendrager in het kentekenregister is ingeschreven, nu dat kenteken overeen dient te komen met het kenteken van het voertuig waarop die fietsendrager is bevestigd. In de onderhavige zaak is echter gebleken dat het kenteken van het voertuig waarmee de gedraging is verricht niet overeenkomt met het kenteken op de fietsendrager. Het hof stelt dan ook vast dat de gedraging niet met het
  13. VR 2018/128 Milieuzone.

    Jurisprudentie
    Ter plaatse was sprake van een milieuzone, inhoudende dat de geslotenverklaring gold ten aanzien van dieselvoertuigen van voor 1 januari 2001. De onderhavige gedraging houdt in dat de betrokkene in strijd met een geslotenverklaring met een voertuig van voor 1 januari 2001 een milieuzone is ingereden. Er kan niet worden vastgesteld dat het voertuig van de betrokkene een dieselvoertuig betreft van voor 1 januari 2001. Derhalve is niet komen vast te staan dat de gedraging is verricht.
  14. VR 2018/129 Beschikking. Kentekenhouder. Bekeuring op kenteken.

    Jurisprudentie
    De betrokkene, bestuurder van het voertuig, bevond zich in het voertuig op het moment dat de verbalisant hem aansprak. Zowel uit de verklaring van de betrokkene als uit die van de verbalisant blijkt dat de betrokkene, nadat de verbalisant hem een aankondiging van beschikking heeft aangezegd, onmiddellijk is weggereden zodat de verbalisant geen gelegenheid meer heeft gehad de daarvoor vereiste gegevens van de betrokkene te noteren. Onder die omstandigheden kan niet worden gezegd dat de verbalisant een reële mogelijkheid heeft gehad de aankondiging van beschikking aan de betrokkene als
  15. VR 2018/130 Joyriding.

    Jurisprudentie
    Geïntimeerde heeft in een auto die toebehoorde aan appellante gereden zonder haar toestemming. Hij heeft daarbij een verkeersongeval veroorzaakt waarbij schade is ontstaan aan de auto. Appellante heeft hem aangesproken tot vergoeding van deze schade ad € 7.849,67. De vorderingen zijn in eerste aanleg afgewezen. Naar het oordeel van het hof heeft appellante voldoende aannemelijk gemaakt dat de auto haar eigendom was. Niet in geschil is dat geïntimeerde zonder haar toestemming in de auto heeft gereden en dat hij daarbij een verkeersongeval heeft veroorzaakt waarvoor niemand anders
  16. VR 2018/131 Vordering handhaving fietsverkeersregels Amsterdam afgewezen.

    Jurisprudentie
    Een bewoner van de Amsterdamse binnenstad stelt zich op het standpunt dat de Minister van Justitie en Veiligheid onrechtmatig handelt, omdat de Regio Politie Amstelland tekortschiet in de handhaving van (fiets)verkeersregels. De bewoner vordert dat de voorzieningenrechter de minister veroordeelt tot het geven van opdracht aan de hoofdofficier van het Parket Amsterdam om de Regio Politie Amstelland directieven te geven om de maatregelen te nemen die nodig zijn om de verkeersregels te handhaven. De voorzieningenrechter stelt voorop dat fietsers in Amsterdam geregeld verkeersregels overtreden en
  17. VR 2018/132 Dodelijk verkeersongeval; shockschade? Vergoeding voor
    affectieschade?

    Jurisprudentie
    X is in februari 2015 op de fiets aangereden door een vrachtauto en ter plekke overleden. X was afkomstig uit Frankrijk en werkte sinds enkele maanden in Nederland als au pair. Eisers zijn respectievelijk de ouders en de broer van X. De betrokken vrachtauto was WAM-verzekerd bij ABN AMRO. ABN AMRO heeft aansprakelijkheid erkend en de uitvaartkosten vergoed. Eisers vorderen (1) een verklaring voor recht dat is voldaan aan het zgn. confrontatievereiste in het kader van de shockschadejurisprudentie en (2) een veroordeling van ABN AMRO tot betaling van € 17.500,- aan ieder van hen als
  18. VR 2018/133 Aansprakelijkheid wegbeheerder; botsing met wegbarricade;
    descente.

    Jurisprudentie
    Tussenuitspraak 22 februari 2017 (ECLI:NL:OGEAA:2017:115): ten behoeve van een festival heeft X toestemming gekregen van het Land Aruba (hierna: het Land) om een weg af te sluiten door middel van een mobiele wegbarricade, die onder toezicht van de politie is geplaatst. De barricade stond op enige afstand van een kruising met verkeerslichten. Ter plaatse gold een maximumsnelheid van 80 km/u. Op 5 september omstreeks 23.20 uur reed eiser in de richting van de kruising. De verkeerslichten stonden op groen, zodat hij met onverminderde snelheid is doorgereden. Daarbij is hij in botsing gekomen
  19. VR 2018/134 Verkeersongeval; inhalen; afslaan; eigen schuld.

    Jurisprudentie
    Op 16 november vond omstreeks 16.50 uur op de Lunterseweg een ongeval plaats tussen eiser (motorrijder) en gedaagde (automobilist). De ter plaatse toegestane maximumsnelheid is 80 km/u. Eiser reed met die snelheid en begon de langzamer rijdende gedaagde in te halen op de weghelft voor tegenoverliggend verkeer. Terwijl eiser zich volledig op die weghelft bevond, ongeveer 10 meter linksachter gedaagde, sloeg deze linksaf. Daarbij zijn eiser en gedaagde in botsing gekomen en heeft eiser ernstig (blijvend) letsel opgelopen. Nadat een voorlopig getuigenverhoor had plaatsgevonden, heeft eiser

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!