Zoeken

161 resultaten gevonden

  1. VR 2022/167 Rijden door rood licht. Geen gevaar of hinder.

    Jurisprudentie

    Aan de betrokkene is een sanctie is opgelegd van € 160,- voor: “niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht”. De gemachtigde voert aan dat de betrokkene inderdaad door rood licht is gereden. Dit gebeurde op het moment dat er van beide kanten geen verkeer aan kwam rijden. De betrokkene heeft waargenomen dat beide kanten vrij waren en is toen doorgereden. Dit is hetzelfde principe als dat de lampen uit zijn gezet, zo betoogt de gemachtigde. Van een weggebruiker kan worden verwacht dat hij kan uitkijken en een boete hiervoor is dan ook disproportioneel. Blijkbaar moet je als een robot

  2. VR 2022/168 Achteruit rijden. Bijzondere manoeuvre. Gevaar veroorzaken.

    Jurisprudentie

    Naar geldend recht stelt art. 5 Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW) gedrag strafbaar waardoor gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd. Het moet daarbij gaan om gevaar voor de veiligheid op de weg, waaronder de reële mogelijkheid van schade voor goed of lijf op de weg dient te worden verstaan. Of in een concreet geval sprake is van gevaar in de zin van art. 5 WVW 1994 hangt af van de feitelijke waardering van de omstandigheden van het geval. Een enkele overtreding van een verkeersregel uit het Reglement

  3. VR 2022/169 Dood door schuld. Roekeloosheid. Rijden onder invloed. Strafmaat. LOVS-oriëntatiepunten. Doorrijden na ongeval. Benadeelde partij. Affectieschade. Shockschade.

    Jurisprudentie

    De verdachte bestuurde een Audi A6 en reed onder invloed van veel alcohol (1,68 promille) met zeer hoge snelheid (130 km/u) door rood licht de kruising op. Hij botste vervolgens tegen een Volkswagen Up die op dat moment werd bestuurd door het slachtoffer. Als gevolg van deze botsing is zij ter plaatse overleden. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een aantal van de in de artikel 5a WVW genoemde gedragingen, namelijk het niet verlenen van voorrang, het overschrijden van de maximumsnelheid en het door rood rijden. Daarbij was sprake van een ernstige mate van overtreding van die

  4. VR 2022/170 Gevaarlijk rijden. Achteruit rijden. Zwaar lichamelijk letsel. Noodweerexces.

    Jurisprudentie

    De verdachte heeft zich als bestuurder van een motorrijtuig zodanig gedragen dat gevaar op de weg werd veroorzaakt, de gedraging bestaande uit: verdachte is vanuit de parkeerhaven achteruit gaan rijden terwijl het rechter portier van de auto nog geopend was en verdachte heeft zich er voor en tijdens het achteruit rijden niet voldoende van vergewist dat de weg achter en naast de auto vrij was van enig verkeer en verdachte is vervolgens met het openstaande portier tegen het zich naast of achter de auto bevindende slachtoffer gereden. Naar achteren rijden, weg van de man die zijn vrouw schopte

  5. VR 2022/171 Voetganger struikelt over biggenrug op parkeerterrein. Gebrekkige opstal. Eigen schuld.

    Jurisprudentie

    Op 12 maart 2015 bezoekt X een kantoor van ABN AMRO. Na afloop struikelt hij over een biggenrug op het parkeerterrein van ABN AMRO. Daarbij loopt hij een incomplete dwarslaesie op. ABN AMRO erkent geen aansprakelijkheid. De rechtbank oordeelt in eerste aanleg dat de aanwezigheid van biggenruggen van het parkeerterrein geen gebrekkige opstal maakt en wijst de vorderingen van X af. Het hof vernietigt dit vonnis en verklaart voor recht dat ABN AMRO aansprakelijk is voor 60% van de door X geleden schade. Hiertoe oordeelt het als volgt. Eerst staat ter discussie of X over een biggenrug is

  6. VR 2022/172 Ongeluk bij het karten. Gebrekkige kart. Bewijswaarde getuigenverklaringen. Exoneratiebeding?

    Jurisprudentie

    Op 12 maart 2017 is X een kartongeval overkomen op een kartbaan die gedreven wordt door Y. X loopt daarbij zeer ernstig letsel op. X stelt Y aansprakelijk. In eerste aanleg slaagt X erin te bewijzen dat de kart een gebrekkige zaak is, maar niet dat de inrichting van de kartbaan gebrekkig is. Y gaat in hoger beroep. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en overweegt hiertoe als volgt. In eerste aanleg hebben getuigenverklaringen plaatsgevonden. Y stelt dat aan de verklaringen geen bewijswaarde toekomt, omdat X daarbij aanwezig is geweest en met de getuigen voorafgaand aan hun

  7. VR 2022/173 Gemeente plaatst verkeersplateau aan laag gelegen perceel van X. Geen gebrekkige opstal of onrechtmatige daad.

    Jurisprudentie

    X woont op een perceel dat lager is gelegen dan de aangrenzende weg. In 2015 heeft de gemeente Bloemendaal enkele aanpassingen in het inrichtingsplan vastgesteld, die in 2016 en 2017 zijn uitgevoerd. Ter hoogte van de uitrit van het perceel van X is hierbij over de volle breedte van de weg een verkeersplateau van 12 cm hoog aangelegd. X stelt dat dit plateau een onveilige situatie oplevert, omdat hij vanwege zijn lager gelegen perceel en de hoogte van het verkeersplateau veel gas moet geven om de openbare weg op te rijden. X stelt dat het verkeersplateau een gebrekkige opstal is en dat de

  8. VR 2022/174 X overlijdt na val uit rolstoel in taxibus. Vervoerder aansprakelijk? Causaal verband. Begroting schade.

    Jurisprudentie

    Op 10 juli 2016 is X overleden. De dag ervoor, op 9 juli 2016, is hij uit zijn rolstoel gevallen toen A hem achterwaarts uit een rolstoelbus van Stam naar buiten verplaatste. Door deze val is X gewond geraakt. Y, de echtgenoot van X, stelt dat door deze val de hersenbloeding is veroorzaakt waardoor X een dag later is overleden. Y vordert schadevergoeding ex art. 6:108 lid 1 en 2 BW van Stam. Stam betwist dat de hersenbloeding door de val is veroorzaakt. Bij tussenvonnis is beslist dat aannemelijker is dat de hersenbloeding door de val is veroorzaakt, waarmee het causaal verband tussen het

  9. VR 2022/175 Vallen van paard. Bezitter niet risico-aansprakelijk: exoneratiebeding.

    Jurisprudentie

    X en Y waren goed bevriend. Y is bezitter van een paard. Na een operatie van Y verzorgt en berijdt X enkele dagen per week het paard. Na een tweede operatie van Y komen zij dit wederom overeen. In die periode valt X van het paard en loopt daarbij letsel op aan haar rechterknie en -been. X verzoekt een verklaring voor recht dat Y op grond van art. 6:179 BW aansprakelijk is voor haar schade. Y en haar aansprakelijkheidsverzekeraar, Univé, beroepen zich op een exoneratiebeding. De rechtbank wijst het verzoek af en overweegt hiertoe als volgt. Kern van het geschil is of aansprakelijkheid is

  10. VR 2022/176 Glas valt op hoofd X. Gevaarzetting? Kelderluikcriteria.

    Jurisprudentie

    X is in de nacht van 7 op 8 april op stap in café De Vooruitgang. Op een gegeven moment valt een glas van de bovenverdieping van het café op het hoofd van X. Kort hierop verliest zij het bewustzijn en wordt ze naar het ziekenhuis gebracht. X verzoekt een verklaring voor recht dat café De Vooruitgang aansprakelijk is voor haar schade als gevolg van het ongeval. Het café zou namelijk een gevaarzettende situatie in het leven hebben geroepen. De Vooruitgang betwist dat sprake was van gevaarzetting. De rechtbank oordeelt dat geen sprake was van onrechtmatige gevaarzetting en wijst het verzoek af

  11. VR 2022/180 Meerdere overtredingen. Samenloop. Cumulatie van sancties.

    Jurisprudentie

    De betrokkene pleegde meerdere snelheidsovertredingen achter elkaar. Er is geen sprake is van een voortgezette handeling, maar van meerdere overtredingen, nu de betrokkene zich telkens in een nieuwe verkeerssituatie heeft begeven en telkens opnieuw de maximumsnelheid heeft overschreden. Tussen de verschillende snelheidsoverschrijdingen is aldus sprake van verschillende beslismomenten en heeft de betrokkene voldoende gelegenheid gehad om zijn verkeersgedrag aan te passen. Er is echter wel sprake van één gebeurtenis/moment in de zin van de art. 2 WAHV, Aanwijzing feitgecodeerde misdrijven

  12. VR 2022/182 Ongeval tussen motorrijders. Toedracht? Eigen schuld?

    Jurisprudentie

    Op 7 juni 2020 heeft een ongeval plaatsgevonden tussen motorrijders X en Y. X kwam ten val en liep ernstig letsel op. Y was verzekerd bij Achmea. Tussen partijen is in geschil of Y en Achmea aansprakelijk zijn voor de schade van X. Om de toedracht van het ongeval vast te stellen, gelast de rechtbank bij tussenvonnis een getuigenverhoor. Hier worden X, Y en A, een onafhankelijke derde motorrijder, gehoord. Bij eindvonnis stelt de rechtbank aan de hand van het getuigenverhoor de toedracht van het ongeval vast en oordeelt dat Y en Achmea aansprakelijk zijn. Hiertoe overweegt zij als volgt. X

  13. VR 2022/183 Ongeval tussen links inhalende motor en links afslaande auto. Bestuurder die als eerste bijzondere manoeuvre inzet, mag deze voltooien.

    Jurisprudentie

    Motorrijder A haalt autorijder B links in, terwijl B links afslaat. Hierdoor ontstaat een ongeval. De verzekeraar van de motor, Achmea, en van de auto, Reaal, zijn in geschil over de toedracht van het ongeval. In eerste aanleg oordeelt de rechtbank in een tussenvonnis bij verstek (Reaal is niet verschenen) van 18 augustus 2021 dat Achmea alleen een regresrecht toekomt als haar verzekerde A een schadevergoedingsvordering heeft op de door Reaal verzekerde B. Bij herstelvonnis van 14 september 2021 draagt de rechtbank Achmea op te bewijzen dat B zijn richtingaanwijzer heeft aangezet en heeft

  14. VR 2022/184 Zwarte inkomsten vergoeden? Niet van belang voor omvang verlies aan verdienvermogen, wel voor schadebegroting.

    Jurisprudentie
    Op 9 januari 2015 valt X tijdens werkzaamheden voor SIPOR van een ladder. Achmea, verzekeraar van SIPOR, erkent aansprakelijkheid. X verrichtte naast wit werk ook zwart werk. Achmea verzoekt een verklaring voor recht dat bij het begroten van de omvang van de schade wegens verlies van verdienvermogen zwarte inkomsten niet in aanmerking dienen te worden genomen. De rechtbank wijst het verzoek af. Achmea gaat in hoger beroep. Na eiswijziging vordert Achmea tevens, subsidiair, een verklaring voor recht dat zwarte inkomsten bij het begroten van de omvang slechts in aanmerking dienen te worden
  15. VR 2022/185 Ongeval tussen motor en uit parkeervlak rijdende auto. Causaliteit. Eigen schuld. Geen billijkheidscorrectie.

    Jurisprudentie

    Op 8 maart 2012 heeft een ongeval plaatsgevonden. X reed op zijn motorfiets toen een aan de rechterzijde van de weg geparkeerde auto, bestuurd door Y, de rijbaan opreed. X en Y botsten en liepen beiden ernstig letsel op. Uit de verkeersongevallenanalyse volgt dat X minimaal 9 en maximaal 37 km/u boven de maximumsnelheid van 50 km/u reed. Aegon, de verzekeraar van Y, wijst aansprakelijkheid voor het ongeval af. ASR, WAM-verzekeraar van de motor van X, treft een regeling met Y en vergoedt 90% van haar schade. Op 29 juni 2021 heeft X zijn leven beëindigd. Zijn vader, A, heeft de nalatenschap

  16. VR 2022/186 Fietser overlijdt na aanrijding. Begroting smartengeld. Smartengeld niet betrekken in overlijdensschade; eigen karakter smartengeld; overeenkomst met affectieschade.

    Jurisprudentie

    Op 20 februari 2019 is fietser A aangereden door een motorrijder, waarbij A zeer ernstig letsel oploopt. Na enige tijd in het ziekenhuis is A in minimale bewustheidstoestand in een verpleeginstelling opgenomen. Negen maanden na het ongeval overlijdt A. Bovemij erkent aansprakelijkheid. Bovemij en de weduwe van A worden het niet eens over de hoogte van het smartengeld en Bovemij stelt dat het uit te keren smartengeld de behoeftigheid ex art. 6:108 lid 1 BW van de erfgenamen van A vermindert. In dit deelgeschil verzoekt de weduwe van A onder meer om het smartengeld te begroten op € 250.000 en

  17. VR 2022/19 Verkeerstekens op borden. Aanwezigheid. Bewijs.

    Jurisprudentie
    Aan de betrokkene is als kentekenhouder een sanctie opgelegd voor: “als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen”. In het Beleidskader digitale handhaving geslotenverklaringen en voetgangersgebieden (versie augustus 2018) is onder de kop “Randvoorwaarden en uitgangspunten” - onder meer - het volgende opgenomen: “Indien camerasystemen in werking zijn waarop de borden niet zichtbaar zijn, dan zal een (minimaal) maandelijkse omgevingsschouw moeten plaatsvinden door een opsporingsambtenaar. Deze legt in een proces-verbaal vast dat de borden en de daarbij
  18. VR 2022/20 Verkeersteken. Aanwezigheid. Bewijs.

    Jurisprudentie
    Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd voor: “als (snor)fietser bij ontbreken (verpl.) (brom)fietspad niet de rijbaan gebruiken” (bord G7, voetgangerszone).Het hof neemt op grond van het door de advocaat-generaal ingebrachte proces-verbaal aan dat er maandelijks een controle plaatsvindt op de aanwezigheid van de hiervoor beschreven bebording. Omtrent het resultaat van deze controles vermeldt het proces-verbaal echter niets. Aldus kunnen op grond van de inhoud van dit proces-verbaal geen nadere vaststellingen worden gedaan omtrent de bebording
  19. VR 2022/21 Verkeersteken. Onbevoegd geplaatst. Geen matiging of achterwege laten sanctie.

    Jurisprudentie
    De Hoge Raad heeft bij uitspraak van 16 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1055, anders dan het hof eerder oordeelde, bepaald dat de omstandigheid dat een verkeersteken dat een gebod of verbod inhoudt, niet met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke voorschriften is geplaatst, niet kan worden aangemerkt als een omstandigheid als bedoeld in artikel 9 lid 2, aanhef en onder b, Wahv, dat wil zeggen noch als een omstandigheid waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden, noch als een omstandigheid waarin de betrokkene verkeert. Het verweer dat de inleidende beschikking bij het ontbreken van het

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!