Zoeken

161 resultaten gevonden

  1. VR 2022/22 Overschrijding redelijke termijn. Proceskosten.

    Jurisprudentie
    De beslissing van de kantonrechter tot matiging van het sanctiebedrag is niet gegrond op een materiële beoordeling van de sanctiebeschikking, maar is uitsluitend gebaseerd op de door de kantonrechter geconstateerde overschrijding van de redelijke termijn van berechting. Vaste jurisprudentie van het hof is dat bij een sanctie als deze in geval van overschrijding van de redelijke termijn van berechting met de vaststelling daarvan kan worden volstaan. Derhalve heeft de betrokkene geen rechtens te respecteren belang bij vergoeding van de proceskosten.
  2. VR 2022/23 Parkeerovertreding. Kentekenaansprakelijkheid. Deelscooter. Verhuur.

    Jurisprudentie
    Aan betrokkene is bij de inleidende beschikking wegens een verkeersgedraging een administratieve sanctie opgelegd ingevolge de Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Betrokkene wordt verweten een bromfiets te plaatsen waar dat niet mag (bord E3, verbod (brom)fietsen te plaatsen). De gedraging is op 29 augustus 2020 om 00:21 uur aan de Vijzelstraat, ter hoogte van Giftshop, te Amsterdam geconstateerd.Op grond van artikel 5 van de Wahv wordt de sanctie opgelegd aan de kentekenhouder als is vastgesteld dat de gedraging heeft plaatsgevonden met een motorrijtuig waarvoor een
  3. VR 2022/24 Dood door schuld. Roekeloosheid.

    Jurisprudentie
    De bestelbus, waarin de verdachte als passagier meereed, botste tegen een pilaar van een viaduct waardoor de bestuurder werd gedood, en de bijrijder zwaar lichamelijk letsel opliep. Het hof heeft onder meer vastgesteld dat de verdachte, in het kader van een meningsverschil over de te rijden route, als passagier met kracht aan de handrem heeft getrokken, welke ingreep de bestuurder totaal verraste en waardoor de achterwielen van de auto blokkeerden en de auto in de slip raakte, terwijl de auto op dat moment met een snelheid van ongeveer 70 km/u reed op een autoweg. Verder heeft het hof
  4. VR 2022/25 Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Onverlichte aanhangwagen. Duisternis.

    Jurisprudentie
    Terwijl de zon al was ondergegaan, heeft verdachte zijn aanhanger geparkeerd aan de linkerzijde van een onverlichte weg buiten de bebouwde kom zonder verlichting aan de voorzijde van de aanhanger. Een bromfietser is tegen de voorzijde van de aanhangwagen aangereden en heeft daarbij zwaar lichamelijk letsel opgelopen. De verdachte heeft niet enkel artikel 39 RVV 1990 overtreden, maar ook zo'n gevaarlijke situatie doen ontstaan dat hij zich aanmerkelijk onvoorzichtig heeft gedragen.
  5. VR 2022/26 Verzekeringsrecht; schending informatieplicht; verval recht op uitkering.

    Jurisprudentie
    A (geboren in 1998) raakt in 2013 betrokken bij een verkeersongeval, als hij achterop de scooter van zijn stiefmoeder zit. Na het ongeval kampt A met knieklachten. De WA-verzekeraar van de scooter (V) heeft € 5.750,- aan voorschotten betaald aan A voor kledingschade, reiskosten, de kosten van aanschaf van een elektrische fiets en hometrainer en de kosten van fysiotherapie. In een eerder tussenarrest heeft het hof geoordeeld dat A zijn inlichtingenplicht jegens V niet is nagekomen met het opzet V te misleiden. Op grond van art. 7:941 lid 5 BW vervalt dan het recht van A op een uitkering, tenzij
  6. VR 2022/27 Verzekeringsrecht; joyriding.

    Jurisprudentie
    A heeft een LAT-relatie met B. Op 11 december 2016 ligt A ziek in bed in haar slaapkamer. B haalt dan (zonder toestemming van A) de sleutels van de auto van A uit haar nachtkastje. B gaat met de auto rijden en botst op de snelweg tegen de vangrails. Op dat moment is B niet bevoegd een auto te besturen (zijn rijbewijs is ingevorderd) en hij verkeert onder invloed van alcohol. De WAM-verzekeraar van de auto (C) vergoedt de schade aan de vangrails als gevolg van het ongeval (€ 8.746,62) aan Rijkswaterstaat. C vordert dit bedrag terug van A op grond van art. 15 lid 1 WAM en art. 5.3 van de
  7. VR 2022/28 Opzegging opdrachtovereenkomst; redelijk loon.

    Jurisprudentie
    In 2011 is A tweemaal betrokken geweest bij een verkeersongeval. Zij heeft B verzocht rechtsbijstand te verlenen bij het verkrijgen van schadevergoeding. In 2014 hebben A en B in dit kader een opdrachtovereenkomst ondertekend. In 2015 heeft A de overeenkomst rechtsgeldig opgezegd en heeft C de behandeling van de zaak van B overgenomen. In deze procedure vordert B primair dat A wordt veroordeeld tot betaling van een vergoeding van € 18.150 (€ 15.000 + € 3.150 BTW) aan B. B voert daartoe aan dat A uiteindelijk € 30.000 aan schadevergoeding van de aansprakelijke wederpartij heeft ontvangen en dat
  8. VR 2022/29 Reiziger valt van trap op cruiseschip; pakketreisovereenkomst; cruisemaatschappij aansprakelijk.

    Jurisprudentie
    In 2019 vaart A samen met zijn echtgenote mee op een cruise van Cuba naar Italië. Op enig moment tijdens de reis valt A van een trap. De scheepsarts onderzoekt A dezelfde dag en vermeldt in haar Medical Accident Report dat A een gekneusde rug heeft opgelopen. A vordert dat de rechtbank beslist dat de cruisemaatschappij (B) aansprakelijk is voor de schade die hij heeft geleden en lijdt als gevolg van het ongeval. A voert daartoe aan dat hij is uitgegleden op een losliggend trapneusprofiel en daardoor is gevallen. A beroept zich op art. 7:511 BW, omdat B als reisorganisator een reisdienst niet
  9. VR 2022/30 Joyriding; art. 185 lid 2 WVW; bereikbaarheid autosleutels.

    Jurisprudentie
    A heeft een auto gehuurd bij B. Op 25 september 2018 is het neefje van A zonder toestemming van A en zonder geldig rijbewijs in de auto gaan rijden. Daarbij heeft een ongeval plaatsgevonden en is schade aan de auto ontstaan. Diezelfde dag heeft A bij de politie aangifte gedaan van joyriding door zijn neefje met de auto. De verzekeraar van B (V) heeft B schadeloosgesteld. V wil het bedrag dat zij aan B heeft uitgekeerd verhalen op A.De kantonrechter overweegt dat de verzekeringspolis krachtens artikel 1.h van de voorwaarden autoverzekering geen dekking biedt. Volgens art. 15 WAM heeft de
  10. VR 2022/31 Uitkering schadebedrag als som ineens of periodiek; belangenafweging. Rekenrente volgens in rechtspraak gehanteerde aanbevelingen, niet volgens 'spiegelingsbeginsel'.

    Jurisprudentie
    In 2009 loopt de destijds 17-jarige X ernstig letsel op als gevolg van een verkeersongeval. Univé Schade heeft aansprakelijkheid voor de gevolgen van het ongeval erkend. X en Univé Schade hebben samen een onafhankelijke arbeidsdeskundige ingeschakeld, uit wier rapport volgt dat X volledig arbeidsongeschikt is. Partijen treffen een regeling omtrent smartengeld en Univé Schade betaalt dit uit. Voor de berekening van voornamelijk de schadeposten toekomstige schade en verlies aan verdienvermogen geven partijen samen een opdracht aan rekencentrum NRL. NRL berekent vier scenario's op basis van vier
  11. VR 2022/32 Aanrijding auto en motor. Eigen schuld en billijkheidscorrectie.

    Jurisprudentie
    Motorrijder X komt na een aanrijding met een auto, bestuurd door Y, ten val. X houdt hier ernstig letsel aan over, dat leidt tot een ernstige complicatie (hydrothorax). X verzoekt een verklaring voor recht dat Y en Achmea, de verzekeraar van Y, aansprakelijk zijn voor de geleden schade, aangezien Y een verkeersfout maakte. Y kwam uit een uitrit en had op grond van art. 54 RVV dus voorrang moeten verlenen aan X. Y en Achmea stellen dat Y het ongeluk niet heeft veroorzaakt en, subsidiair, dat X een grote mate aan eigen schuld bij het ongeluk heeft.De rechtbank overweegt dat Y en Achmea voor 40%
  12. VR 2022/35 Telefoon vasthouden. Fietser.

    Jurisprudentie
    Op basis van deze verklaring van de ambtenaar kan niet worden vastgesteld dat de betrokkene tijdens het fietsen een mobiel elektronisch apparaat vasthield. De verklaring van de ambtenaar dat hij zag dat de betrokkene met een mobiel aan het bellen was, geeft daaromtrent onvoldoende uitsluitsel, nu bellen ook mogelijk is zonder de telefoon, althans een elektronisch apparaat, vast te houden. Derhalve kan niet worden vastgesteld dat de gedraging is verricht.
  13. VR 2022/36 Dood door schuld. Bedieningsfout.

    Jurisprudentie
    De verdachte, buschauffeur, trapt op het gaspedaal in plaats van op de rem. Daardoor botst hij met de bus tegen een bakfiets. De bestuurster van de bakfiets en haar ongeboren kind komen om het leven, haar tweejarige zoon overleeft het ongeval. Het intrappen van het gaspedaal in plaats van de rem en vervolgens het ingetrapt houden van het gaspedaal is een bedieningsfout die niet elke chauffeur wel eens overkomt, laat staan een beroepschauffeur als verdachte. Als beroepschauffeur mag van verdachte worden verwacht dat hij altijd oplet, dat hij het juiste pedaal intrapt en dat hij, als hij het
  14. VR 2022/37 Letselschadezaak; deskundigenrapporten; causaal verband.

    Jurisprudentie
    A heeft in 1999 een motorongeval gehad. De verzekeraar van de betrokken auto (B) heeft aansprakelijkheid voor de gevolgen van het ongeval erkend. Bij het ongeval heeft A fracturen in de rechterenkel, een fractuur in het linker kuitbeen en diverse vleeswonden en kneuzingen opgelopen. A ervaart nadien ernstige pijnklachten en leidt een leven van iemand die invalide is: ze draagt speciaal schoeisel, kan nauwelijks lopen, maakt buitenshuis gebruik van een rolstoel en scootmobiel, binnenhuis van een trippelstoel en ze moet veel liggen. Tussen A en B is in geschil of een causaal verband bestaat
  15. VR 2022/38 Waarborgfonds aansprakelijk? Onbekend gebleven bestuurder betrokken bij ongeval? Bewijslast.

    Jurisprudentie
    Op 6 november 2019 heeft een ongeval op de snelweg plaatsgevonden. X stelt dat zijn auto van linksachter is geraakt door een vrachtwagen, zijn auto als gevolg hiervan is gaan draaien, op een andere rijbaan is beland, waarna hij door een tweede vrachtwagen is aangereden. X en de bestuurder van de tweede vrachtwagen hebben een aanrijdingsformulier ingevuld. X doet aangifte bij de politie dat een onbekend gebleven bestuurder (van de eerste vrachtwagen) na betrokken te zijn geweest bij het verkeersongeval is weggereden zonder zijn gegevens achter te laten. Hij doet aanspraak op schadevergoeding
  16. VR 2022/39 Soliste valt op podium. Heeft concertgebouw gevaarzettende situatie gecreëerd? Kelderluikcriteria. Eigen schuld.

    Jurisprudentie
    X is professioneel musicus en zangeres. Op 12 januari 2019 komt zij na afloop van de generale repetitie voor een concert ten val. Zij struikelt over een schriklat die technici op het podium hadden laten liggen, waarbij ze letsel oploopt aan haar linkerarm en -schouder. X vordert een verklaring voor recht dat De Doelen, exploitant van het concertgebouw, aansprakelijk is voor de door haar geleden schade. Ze stelt dat De Doelen onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld, omdat De Doelen een gevaarzettende situatie zou hebben gecreëerd. De Doelen ontkent dit, stelt dat sprake is van een ongelukkige
  17. VR 2022/40 Botsing auto's; voorrangsregels WVV Curaçao 2000.

    Jurisprudentie
    In 2017 rijdt automobilist A vanuit laan X linksaf laan Y op. A komt daarbij in botsing met automobilist B die op laan Y rijdt (en voor A van links komt). De auto van B raakt hierbij beschadigd. B vordert dat de WAM-verzekeraar van A (VA) wordt veroordeeld tot vergoeding van de schade die B door het ongeval heeft geleden (NAƒ 31.387,60). Het gerecht wijst de vordering af. Volgens art. 41 Wegenverkeersverordening Curaçao 2000 moeten bestuurders op kruispunten in beginsel voorrang verlenen aan bestuurders die van rechts komen. Dit is anders bij een T-splitsing: "bestuurders die een kruispunt
  18. VR 2022/41 Schadeafwikkeling: som ineens of periodiek? Doorslaggevend is gewekte verwachting. Toepasselijke rekenrente volgens Aanbevelingen rechtspraak, niet 'spiegelmethode'.

    Jurisprudentie
    Op 8 augustus 2010 raakt X als bijrijder ernstig gewond door een verkeersongeval. Hij houdt hieraan een mate van blijvende functionele invaliditeit van 81% over, is blijvend aangewezen op begeleiding, verblijft in een zorgcentrum en is niet in staat om loonvormende arbeid te verrichten. Univé heeft als WAM-verzekeraar aansprakelijkheid erkend. A en B, de ouders en bewindvoerders van hun zoon X, regelen de schadeafwikkeling met Univé. Partijen kunnen geen overeenstemming bereiken over de schadepost verlies aan verdienvermogen. Ze zijn verdeeld over de te hanteren rekenrente en de vraag of de
  19. VR 2022/42 Letselschade na ongeval. Vergoeding toekomstige schade onder voorbehoud?

    Jurisprudentie
    Op 21 december 2011 wordt X aangereden door een verzekerde van (de rechtsvoorgangster van) Ansvar, waarbij X letsel aan zijn rechterbeen heeft opgelopen. De verzekeraar heeft aansprakelijkheid erkend. X en Ansvar zijn het eens dat X uiteindelijk een knieprothese moet krijgen, maar vanwege de mogelijke gezondheidsrisico's van de operatie stelt X deze zo lang mogelijk uit. X vordert een verklaring voor recht dat zijn schade, voor zover reeds geleden en voor zover deze nog in de toekomst ligt na afweging van goede en kwade kansen, bij voorbaat begroot wordt en dat Ansvar deze schade vergoedt door
  20. VR 2022/43 X heeft verscheidene klachten na ongeval. Causaal verband klachten en ongeval? Partijen gebonden aan rapport gezamenlijk ingeschakelde deskundige.

    Jurisprudentie
    Op 9 december 2016 wordt rijinstructrice X tijdens een rijles aangereden door een verzekerde van Bovemij. Bovemij erkent aansprakelijkheid. X en Bovemij schakelen samen neuroloog A in, om een medische expertise over de klachten van X uit te brengen. Op 27 januari 2020 levert A zijn deskundigenbericht op. Hierin stelt hij vast dat X (nek)pijnklachten heeft die passen bij een whiplash, door pijn slecht slaapt, rijangst heeft en depressief is. Hij stelt vast dat X vóór het ongeval geen neurologische klachten had en dat het onwaarschijnlijk is dat haar overige klachten zich zonder het ongeval

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!