Zoeken

82 resultaten gevonden

  1. VR 2026/61 Ongeval tijdens bedrijfsuitje. Verlof in tussentijds hoger beroep van deelgeschilbeschikking.

    Jurisprudentie

    A viel tijdens een bedrijfsuitje van de elektrische step. Als gevolg daarvan heeft hij blijvend letsel opgelopen. Hij stelde zijn werkgever aansprakelijk voor de schade die uit het ongeval voortvloeide. Zowel de werkgever als haar bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar erkenden geen aansprakelijkheid, ook niet nadat een voorlopig getuigenverhoor had plaatsgevonden. Om duidelijkheid te krijgen, heeft A een deelgeschilprocedure gestart. De rechter oordeelde dat het bedrijfsuitje onder de werking van artikel 7:658 BW viel, omdat het in voldoende nauw verband stond met de werkzaamheden. Vervolgens

  2. VR 2026/62 Val door plantenbak tijdens weekmarkt. Aansprakelijkheid gemeente.

    Jurisprudentie

    Verzoekster X is tijdens de weekmarkt in Beverwijk ten val gekomen over de rand van een plantenbak. Zij heeft daarbij letsel opgelopen. X heeft de gemeente aansprakelijk gesteld voor haar materiële en immateriële schade. Volgens X is de gemeente aansprakelijk op grond van gebrekkige opstal en subsidiair op grond van onrechtmatige daad. Zij voert aan dat het ongeval plaatsvond in een drukke winkelstraat tijdens de weekmarkt, waardoor niet steeds de vereiste oplettendheid van bezoekers kan worden verwacht. Daarnaast hebben de plantenbakken dezelfde kleur als de bestrating en steken zij uit met

  3. VR 2026/63 Het roer om of bijsturen?

    Artikel
    Op 10 december 2025 brachten Bas de Wilde en Oberon Nauta m.m.v. Herman Bröring (de rapporteurs) het eindrapport Evaluatie Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften uit (het rapport). De Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) was in de afgelopen 35 jaar nooit integraal geëvalueerd, terwijl maatschappelijke, juridische en technologische veranderingen daartoe wel aanleiding gaven. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) heeft daarom de onderzoeksbureaus DSP-groep en De Strafzaak opdracht gegeven om de wet integraal te evalueren. Het rapport bevat diverse beschrijvingen, analyses en 46 aanbevelingen tot verbetering van de Wahv. De regering heeft aan de Tweede Kamer laten weten na de zomer op het rapport te zullen reageren.1) Op verzoek van de redactie van dit tijdschrift bespreken wij het rapport. Het is een omvangrijk rapport, zodat we ons beperken tot een aantal van deze beschrijvingen, analyses en voorstellen, waarbij natuurlijk de hoogte van de boetetarieven en de wettelijke verhogingen in het oog springen. Ook leggen we de vinger op enige tekortkomingen in het rapport. We starten hierna eerst, net als het rapport, met een korte beschrijving van de achtergrond van en het systeem van de Wahv.
  4. VR 2026/64 Vergoeding BGK voor het deskundigenbericht in de voorlopige bewijsverrichtingenprocedure

    Artikel
    Aanleiding voor dit artikel is een beschikking begin dit jaar van de Rechtbank Rotterdam.1) De rechtbank doet daarin een opvallende uitspraak over de vergoeding van de kosten rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure voor een voorlopig deskundigenbericht.2) Die advocaatkosten komen volgens de rechtbank op basis van artikel 6:96 BW voor vergoeding in aanmerking. Die kosten moeten dus worden vergoed als zijnde buitengerechtelijke kosten rechtsbijstand (BGK). In dit artikel zal ik deze uitspraak bespreken en in een breder kader plaatsen. Tot slot zal ik ingaan op de wenselijkheid van de vergoeding van BGK in deze voorlopige bewijsverrichtingenprocedure.
  5. VR 2026/65 Sanctie vanwege verkeerde verlichting. Mogelijkheid van andere, lichtere sanctie maakt de opgelegde sanctie niet onterecht.

    Jurisprudentie
    De betrokkene heeft een administratieve sanctie gekregen omdat de verlichting op het dak aan de voorzijde van de vrachtwagen niet de juiste kleur had. De gemachtigde voert aan dat de verkeerde feitcode was gebruikt. De gemachtigde geeft aan dat de ambtenaar verklaarde dat de verlichting aan de voorzijde niet was toegestaan. Dat betekent dat een sanctie opgelegd had moeten worden voor het voeren van meer verlichting dan is toegestaan. Aan deze feitcode is een lager sanctiebedrag gekoppeld. Het gerechtshof oordeelt dat de ambtenaar voldoende duidelijk heeft verklaard dat de verlichting aan de
  6. VR 2026/66 Geen schuld aan dodelijk ongeval fietser. Wel veroordeling voor art. 5 WVW 1994 vanwege versleten achterbanden.

    Jurisprudentie

    Verdachte nadert een kruispunt met verkeerslichten. Voor verdachte staat het verkeerslicht op groen. Op het kruispunt is een voetgangersoversteekplaats en een oversteekplaats voor tegengesteld fietsverkeer. Verdachte passeert het groene verkeerslicht en ziet dat een fietser vanuit de rechterkant de weg oversteekt. Verdachte remde gelijk toen hij de fietser zag, maar kon een aanrijding niet voorkomen. Het slachtoffer overleed later aan haar verwondingen. De rechtbank stelt vast dat het slachtoffer, een 17-jarig meisje, is overgestoken op een plek waar dit niet was toegestaan. De rechtbank kan

  7. VR 2026/67 Ongeval op onbewaakte spoorwegovergang. Aansprakelijkheid automobilist en wegbeheerder jegens Arriva.

    Jurisprudentie

    In 2018 vond een dodelijk ongeval plaats op een zogenaamde niet actief beveiligde overweg (hierna: NABO). Een 78-jarige automobilist kwam in botsing met een trein van Arriva. De auto was verzekerd bij Achmea. Uit het politierapport blijkt dat het ongeval waarschijnlijk het gevolg was van een rij- of beoordelingsfout van de bestuurder, die de trein geen voorrang gaf. Er werden geen technische gebreken of zichtbelemmeringen vastgesteld. Op grond van artikel 185 WVW vorderde Arriva haar schade van Achmea. De rechtbank wees deze vordering toe. Achmea heeft daarna in een vrijwaringsprocedure

  8. VR 2026/68 Verkeersongeval auto’s. Alcohol. Schending waarheids- en volledigheidsplicht.

    Jurisprudentie

    Op 2 maart 2024 vond een verkeersongeval plaats tussen een Mercedes en een BMW. De Mercedes was eigendom van eiser X en werd bestuurd door zijn zoon A. Ongeveer anderhalf uur na het ongeval bleek uit een ademanalyse dat A 660 µg/l alcohol in zijn adem had, wat overeenkomt met 1,5 promille alcohol in het bloed. Hiermee was de wettelijk toegestane van 0,5 promille ver overschreden. De Mercedes was allrisk verzekerd en was in opdracht van de cascoverzekeraar ABN AMRO door CED onderzocht. De auto was total loss verklaard en de schade was vastgesteld op € 33.605,-. De BMW was WAM-verzekerd bij

  9. VR 2026/69 Botsing tussen auto en fatbike. Schending artikel 21 Rv. Bewijslevering niet toegestaan.

    Jurisprudentie

    Op 7 januari 2024 rond 1:40 uur ’s nachts botsten op het kruispunt van de Van Woustraat en de Stadhouderskade in Amsterdam een Mercedes en een fatbike op elkaar. De Mercedes werd bestuurd door eiser X en de fatbike door gedaagde A. Beide voertuigen raakten beschadigd. Sinds 21 december 2023 geldt op dat deel van de Van Woustraat een inrijverbod voor auto’s, enkel trams en fietsers zijn daar toegestaan. X overhandigde een aanrijdingsformulier en stelde A aansprakelijk voor de schade. De rechtsbijstandsverzekeraar van X, Allianz, sommeerde A € 4.583,29 te betalen. A betwist de vordering en de

  10. VR 2026/70 Ongeval tijdens zeilreis. Rechtsverhouding van partijen. Kwalificatie overeenkomst.

    Jurisprudentie

    In deze zaak staat centraal hoe de rechtsverhouding tussen partijen gekwalificeerd dient te worden. De kwalificatie is namelijk bepalend voor de vraag of verweerder A aansprakelijk is voor de letselschade van eiseres X. A exploiteert een eenmanszaak die zeilreizen organiseert en treedt daarbij zelf op als schipper. Hij is voor aansprakelijkheid verzekerd bij Achmea. Tijdens een door hem georganiseerde zeilreis in de Caribische Zee kreeg X een ernstig ongeval. Zij liep hierbij een traumatische dwarslaesie op. X heeft een verklaring voor recht gevorderd dat A aansprakelijk is voor haar schade en

  11. VR 2026/71 Zaak uit 1994: gemeentepolitie op judoles. Letselschade. Aansprakelijkheid sport- en spelsituaties.

    Jurisprudentie

    Zowel eiser X als verweerder A waren leden van de gemeentepolitie. Op 16 november 1978 namen zij als leden deel aan een judoles, onder leiding van een instructeur. Tijdens het oefenen van werptechnieken is A door een door X ingezette schouderworp zo ongelukkig terechtgekomen dat hij letsel opliep. Dit leidde tot een posttraumatisch cervicaal syndroom. Hiervoor heeft A op 13 juni 1990 X en de gemeente Eindhoven (hierna: de gemeente) gedagvaard. Hij vorderde de rechtbank hen te veroordelen tot betaling van f 63.904,46 voor zijn schade als gevolg van het ongeval. De rechtbank gaf A en de gemeente

  12. VR 2026/72 Verkeersongeval tussen auto en motor. Rood licht voor afsluiting tunnel.

    Jurisprudentie

    Op 22 december 2016 raakte motorrijder X (geïntimeerde) betrokken bij een verkeersongeval. Het ongeval vond plaats bij een verkeersregelinstallatie die op rood sprong. A die met zijn auto voor X reed, kwam tot stilstand. X botste daartegenaan en werd vervolgens op de naastgelegen rijstrook aangereden door een auto bestuurd door B. Ten tijde van het ongeval was A WAM-verzekerd bij Achmea en B was WAM-verzekerd bij National Academic. X heeft aan het ongeval een dwarslaesie overgehouden. Hij is daardoor blijvend rolstoelgebonden en ondervindt verschillende bijkomende ernstige gezondheidsproblemen

  13. VR 2026/73 Botsing tussen auto’s. Noodstop voor schrikhek. Aansprakelijkheid gemeente. Eigen schuld.

    Jurisprudentie

    In november 2023 voerde aannemer KWS in opdracht van de gemeente Schagen asfalteringswerkzaamheden uit op de Warmenhuizerweg te Warmenhuizen. Op 20 november 2023 omstreeks 18:50 uur reed X vanuit de richting van de N245 toen de autobestuurder voor hem plotseling remde. Deze autobestuurder moest remmen voor een schrikhek dat circa 120 meter voor de rotonde op de rijbaan stond. Hij kon zijn voertuig nog tot stilstand brengen, maar X kon niet meer tijdig remmen en botste achterop. Uit het proces-verbaal van de politie en verklaringen van betrokkenen volgt dat het schrikhek in het donker op een

  14. VR 2026/74 Botsing tussen auto’s. Noodstop voor schrikhek. Gevaarzetting door bestuurder?

    Jurisprudentie

    In november 2023 voerde aannemer KWS in opdracht van de gemeente Schagen asfalteringswerkzaamheden uit op de Warmenhuizerweg te Warmenhuizen. Op 20 november 2023 omstreeks 18:50 uur reed X vanuit de richting van de N245 toen de autobestuurder voor hem plotseling remde. Autobestuurder A moest remmen voor een schrikhek dat circa 120 meter voor de rotonde op de rijbaan stond. A kon zijn voertuig nog tot stilstand brengen, maar X kon niet meer tijdig remmen en botste achterop. Het voertuig van A was WAM-verzekerd bij Greenval. Uit het proces-verbaal van de politie en verklaringen van betrokkenen

  15. VR 2026/75 Collectieve actie Bureau Clara Wichmann. Borstimplantaten. Aansprakelijkheid producent.

    Jurisprudentie

    Stichting Bureau Clara Wichmann (hierna: BCW) is een stichting die zich al meer dan 35 jaar inzet voor de maatschappelijke, sociale en rechtspositie van vrouwen. In deze procedure richt BCW zich tegen het Allergan/AbbVie-concern, een Amerikaanse farmaceutische onderneming die borstimplantaten produceert. De procedure gaat over getextureerde borstimplantaten met een ruwe buitenkant, onder andere van de merken Natrelle, Biocell en McGhan. Deze implantaten werden vanaf 1987 door Allergan en haar rechtsvoorgangers geproduceerd en wereldwijd verkocht. In Nederland wordt geschat dat ongeveer 60.000

  16. VR 2026/76 Letselschade passagier. Schending mededelingsplicht door verzekerde.

    Jurisprudentie

    Op 13 december 2016 sloot gedaagde X bij Ditzo (ASR) een autoverzekering voor een Skoda, welke verzekering per 21 februari 2017 werd gewijzigd naar een Peugeot. Deze Peugeot stond echter op naam van A, een cliënte van de stichting van X. Op 10 mei 2017 veroorzaakte A een aanrijding waarbij de passagier letselschade opliep. ASR heeft deze schade vergoed. Daarna stelde ASR dat geen dekking bestond, omdat het voertuig niet op naam van X stond en verzekeren op naam van een ander niet is toegestaan. ASR vorderde het uitgekeerde bedrag terug en vermoedde een constructie om het negatieve

  17. VR 2026/77 Afbranden woonwagens door vuurwerk. Aansprakelijkheid ouders van betrokken kinderen.

    Jurisprudentie

    In 2022 heeft er brand gewoed op een woonwagenkamp, waarbij meerdere woonwagens ernstig zijn beschadigd. Uit onderzoek van het Openbaar Ministerie bleek dat de vermoedelijke veroorzakers A en B niet strafrechtelijk aansprakelijk zijn, omdat zij jonger dan 12 jaar waren toen het incident plaatsvond. Ook is gekeken naar de betrokkenheid van de minderjarige C. Hij had het gooien van zwaar vuurwerk in de woonwagen gefilmd, maar het was niet vastgesteld dat hij een strafbaar feit had gepleegd. In deze procedure vordert X, de eigenaar van de naastgelegen woonwagen, een verklaring voor recht dat A

  18. VR 2026/78 Aanrijding tussen motor en auto. Onduidelijke toedracht. Letselschade.

    Jurisprudentie

    Op 27 maart 2022 was eiser X met vrienden A en B aan het motorrijden. De drie reden achter elkaar en sloegen bij een rotonde rechtsaf. Kort na het verlaten van de rotonde werd X ingehaald door de gedaagde in zijn blauwe Citroën. Tijdens deze manoeuvre kwam het tot een botsing, waarna X de controle over zijn motor verloor en tot stilstand kwam. Gedaagde reed na het incident door. Tijdens het politieonderzoek is niet met zekerheid vastgesteld welk voertuig het andere heeft geraakt, maar wel dat de Citroën de motor van X inhaalde en dat beide voertuigen zeer waarschijnlijk met elkaar in contact

  19. VR 2026/79 Fataal ongeval auto en motorrijder. Aansprakelijkheid WAM-verzekeraar voor schade autobestuurder.

    Jurisprudentie

    Op de avond van 22 juni 2017 stond de auto van eiseres X geparkeerd in een parkeerstrook langs de weg. Toen zij vanuit deze parkeerplaats wegreed, kwam zij in botsing met motorrijder A. Hij kwam hierbij om het leven. Uit getuigenverklaringen blijkt dat A samen met twee motorrijders als groep reden. Over de exacte snelheid bestaat onduidelijkheid: sommige getuigen schatten deze op ongeveer 40 tot 65 km/u, terwijl anderen aangaven dat de motoren mogelijk harder reden, mede omdat zij veel geluid maakten. Een omstander hoorde de motoren naderen en kort daarna een harde klap, maar zag het ongeval

  20. VR 2026/80 Deelgeschil als tegenverzoek in voorlopig deskundigenprocedure. Aansprakelijkheid ziekenhuis. Buitengerechtelijke kosten.

    Jurisprudentie

    Dit deelgeschil is ingesteld als tegenverzoek in een voorlopig deskundigenprocedure. Het betreft een medische aansprakelijkheidszaak waarin het ziekenhuis aansprakelijkheid gedeeltelijk heeft erkend. De verzoeker (de patiënt) in het deelgeschil wil dat het ziekenhuis een voorschot betaalt en de openstaande buitengerechtelijke kosten vergoedt. In geschil is in hoeverre het ziekenhuis gehouden is de kosten van rechtsbijstand van de patiënt te vergoeden. De rechtbank maakt onderscheid tussen kosten van het deelgeschil en kosten van rechtsbijstand in de voorlopig deskundigenprocedure. De kosten

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!