deelgeschil

VR 2016/165 'De deelgeschilprocedure werkt'. Enige signaleringen vanuit het perspectief van de aansprakelijk gestelde partij

Artikel
VR 2016/165 ‘De deelgeschilprocedure werkt’ Enige signaleringen vanuit het perspectief van de aansprakelijk gestelde partij Mr. Veneta Oskam * * Advocaat bij Van Traa Advocaten N.V. te Rotterdam. De titel ‘De deelgeschilprocedure werkt’ impliceert dat door alle betrokkenen in het letselschadetraject de deelgeschilprocedure als positief en effectief wordt ervaren. Het is als advocaat van de aansprakelijk gehouden partijen en de betrokken verzekeraars mijn ervaring dat deze stelling vaak, maar niet altijd instemmend zal worden beantwoord. Naast alle positieve effecten die door mr. Wesselink in

VR 2016/164 Reactie uit de slachtofferpraktijk: de kosten

Artikel
VR 2016/164 Reactie uit de slachtofferpraktijk: de kosten Mr. Geertruid van Wassenaer * * Advocaat bij Van Wassenaer Wytema Letselschade-advocaten & Mediation te Haarlem, tevens redacteur van dit blad. De invoering van de Deelgeschillenprocedure heeft de slachtofferpraktijk veel goeds gebracht. Door de invoering van de mogelijkheid een bepaald geschil tussen een slachtoffer en een aansprakelijke partij tussentijds door de rechter te laten toetsen, hoeft een slachtoffer zich een voor hem of haar ongunstig standpunt van de verzekeraar niet meer te laten welgevallen, louter en alleen uit

VR 2016/163 De deelgeschilprocedure werkt: tijd voor uitbreiding?!

Artikel
VR 2016/163 De deelgeschilprocedure werkt: tijd voor uitbreiding?! Mr. dr. M. Wesselink* * Programmamanager bij de Academie voor Wetgeving en de Academie voor overheidsjuristen. Inleiding Kan een gerechtelijke procedure de buitengerechtelijke onderhandelingen over personenschade faciliteren? 1) Die vraag rees bij de Wet deelgeschilprocedure voor letsel- en overlijdensschade die op 1 juli 2010 in werking trad. 2) Een rechter kan uiteraard een oordeel vellen, maar leidt dat ook ertoe dat partijen de onderhandelingen zelf verder minnelijk kunnen afronden? Een procedure kan immers tot polarisatie

VR 2016/180 Deelgeschil, buitengerechtelijke kosten.

Jurisprudentie
In 2011 is Y op de fiets aangereden door een tegenligger op een bromfiets. De dochter van Y, in een kidcar achter de fiets, is daarbij gewond geraakt. Begroting van haar schade kan pas plaatsvinden wanneer zij is volgroeid, op zijn vroegst in 2023. Y is bevoegd een directe actie in te stellen jegens Univé, de verzekeraar van de tegenligger. Univé heeft direct aansprakelijkheid erkend. Univé heeft geweigerd tussentijds de buitengerechtelijke kosten te vergoeden omdat sprake zou zijn van een wanverhouding tussen de hoofdsom en de advocaatkosten, waarop Y een deelgeschil aanhangig heeft gemaakt

VR 2016/178 Deelgeschil, verkeersongeval, bewijslevering in deelgeschil.

Jurisprudentie
Verzoeker bestuurde in 2007 de auto van X op de snelweg, met X en Y als passagiers. Er zat een bumperklevende personenauto achter hen. Nadat deze hen inhaalde is verzoeker van de weg geraakt en over de kop geslagen. Over de toedracht is men het niet eens. Verzoeker stelt (in 2012) dat X, die zich opwond over het bumperkleven, een ruk aan het stuur heeft gegeven. X stelt dat de inhalende bumperklever hen de weg heeft afgesneden. Y heeft eerst de lezing van X bevestigd. Tijdens een voorlopig getuigenverhoor heeft hij echter onder ede gesteld dat X hem onder druk had gezet en dat de lezing van

VR 2016/146 Cassatieberoep tegen uitspraak in hoger beroep tegen
deelgeschilbeschikking.

Jurisprudentie
Het betreft een cassatieberoep in hoger beroep tegen een deelgeschilbeschikking. Eerst behandelt de Hoge Raad de ontvankelijkheid van het beroep. Beroep tegen een deelgeschilbeschikking staat open, indien de rechter hiertoe verlof heeft verleend. Ook moet worden aangenomen dat ingevolge art. 1019cc lid 3 Rv in verbinding met art. 398 cassatieberoep openstaat tegen de uitspraak in het hoger beroep dat op de voet van art. 1019cc lid 3 Rv tegen een deelgeschilbeschikking is ingesteld. Vervolgens is aan de orde of de procedure die op de voet van art. 1019 cc wordt ingeleid een dagvaardings- of

VR 2016/135 Deelgeschil; verkeersongeval; eigen schuld; bewijslast;
omkeringsregel.

Jurisprudentie
Op 6 oktober 2013 vond een botsing plaats tussen X (motorrijder) en Y (automobilist) op de kruising van de Westpoortweg met de Abijanweg. De Westpoortweg is eerst een tweebaansweg en verbreedt zich kort voor de kruising tot een vierbaansweg, met twee banen voor rechtdoor en een uitvoegstrook aan beide zijden. Blijkens de VerkeersOngevallenAnalyse (VOA) kan niet precies worden vastgesteld wie op welke rijbaan reed. Het meest waarschijnlijk is dat Y op de rechterbaan voor rechtdoor reed en X op de linkerbaan. Terwijl X hem probeerde in te halen is Y linksaf gegaan, naar de uitvoegstrook aan de