VR 2026/160 Geen vaststellingsovereenkomst bij afwijkend voorstel voor buitengerechtelijke kosten.
Een bij Achmea verzekerde auto rijdt achterop de auto van verzoeker terwijl die in een file stilstaat. Na het ongeval krijgt verzoeker verschillende klachten, waaronder nek-, schouder- en rugklachten, hoofdpijn, duizeligheid en tintelingen in zijn rechterarm. Achmea erkent de aansprakelijkheid van haar verzekerde. Verzoeker werkt als zelfstandig ondernemer in de bouw en heeft zijn werkzaamheden sinds het ongeval niet meer kunnen hervatten. Een belangenbehartiger helpt hem bij de afwikkeling van zijn schade. Partijen onderhandelen over de schadevergoeding. Daarbij ontstaat discussie over de
VR 2026/161 Causaal verband tussen ongeval en cognitieve klachten onvoldoende onderbouwd.
Verzoeker raakte op 24 juli 2014 als bestuurder van een auto betrokken bij een verkeersongeval met een andere auto, waarvan de bestuurder was verzekerd bij Ansvar. Ansvar heeft de aansprakelijkheid voor de gevolgen van het ongeval erkend. Tussen partijen is vervolgens een geschil ontstaan over de vraag of de door verzoeker gestelde cognitieve klachten en stoornissen in causaal verband staan met het ongeval. Om de medische gevolgen daarvan te beoordelen, hebben partijen gezamenlijk neurologisch en neuropsychologisch deskundigenonderzoek laten verrichten. De bevindingen van de deskundigen sloten