Zoeken

246 resultaten gevonden

  1. VR 2017/71 Helikopterongeval; stroomuitval; schadevergoeding gemeenten;
    geen doorkruising bestuursrecht.

    Jurisprudentie
    In 2007 is een Apache gevechtshelikopter tegen hoogspanningsleidingen aangevlogen. Verweerders in cassatie, een viertal gemeenten, hebben daardoor schade geleden, onder meer door grootschalige stroomuitval. De gemeenten hebben van de Staat op grond van de Wet rampen en zware ongevallen (Wro) en het Besluit Rijksbijdragen bijstands- en bestrijdingskosten (Brbb) een kleine vergoeding gekregen en de Staat heeft geweigerd een verdere vergoeding op privaatrechtelijk grondslag toe te kennen. Het hof heeft de vorderingen van de gemeenten integraal toegewezen en daartoe overwogen dat
  2. VR 2017/72 Val over stroomkabels, aansprakelijkheid wegbeheerder.

    Jurisprudentie
    Eiseres liep in 2009 over de markt en is gestruikeld over stroomkabels op de stoep. De kabels waren eigendom van de marktkraamhouders en waren bevestigd aan een elektriciteitskast van de gemeente. Eiseres stelt de gemeente aansprakelijk op grond van zowel 6:162 als 6:174 BW. Het hof heeft aansprakelijkheid op beide gronden afgewezen. Ten aanzien van 6:174 heeft het hof overwogen dat de openbare weg een opstal is, maar dat dit niet geldt voor de stroomkabels of de elektriciteitskast. Deze zijn daar immers niet aanwezig ten behoeve van de weg of het verkeersgebruik. Daarom kan in het midden
  3. VR 2017/73 Uitleg EEX-Verordening, handlungs- enerfolgsort.

    Jurisprudentie
    Westo heeft bij verweerder 1 een tractor aangeschaft die is geproduceerd in Duitsland. Toen ongeveer een jaar later een spoorwegovergang bij Coevorden moest worden overgestoken, sloeg de motor af en heeft er een aanrijding plaatsgevonden met een trein. De WAM-verzekeraar van Westo, Reaal, heeft de schade vergoed en wil vervolgens regres nemen. Volgens Reaal is de Nederlandse rechter bevoegd omdat het ongeval zich in Coevorden heeft voorgedaan. Het hof heeft geoordeeld dat slechts de Duitse rechter bevoegd is. Uit het HvJEU-arrest Kainz/Pantherwerke volgt immers dat 'de plaats waar het
  4. VR 2017/74 Fietsongeval; toedracht; schadebegroting.

    Jurisprudentie
    Op 10 april 2014 is geïntimeerde tegen de hond van appellant aangefietst. Hij is daarbij ten val gekomen en heeft letsel opgelopen. In een tussenarrest heeft het hof op basis van de ongevallenregistratie van de politie voorshands aangenomen dat het ongeval werd veroorzaakt doordat de hond losliep op het fietspad. Nu appellant daartegen geen tegenbewijs heeft geleverd, staat deze toedracht vast. Daarmee staat eveneens vast dat appellant aansprakelijk is voor de door geïntimeerde geleden schade. Het beroep van appellant op eigen schuld aan de zijde van geïntimeerde faalt eveneens: het enkele
  5. VR 2017/75 (Geen) Beroepsfout letselschadeadvocaat; voorbehoud
    vaststellingsovereenkomst.

    Jurisprudentie
    X (appellante) is in 1994 op 12-jarige leeftijd een ongeval overkomen waarbij zij haar linkerenkel gebroken heeft. Een maand later is zij (in het loopgips) ten val gekomen op het ijs, waarbij haar patellapees gescheurd is. Dit letsel staat in causaal verband met het ongeval. Al voor het ongeval was X onder behandeling van een orthopeed, wegens een beenlengteverschil en diverse daaraan gerelateerde klachten. Bijgestaan door geïntimeerde (letselschadeadvocaat) heeft X in 1998 een vaststellingsovereenkomst (vso) gesloten met Ohra, de verzekeraar van degene die aansprakelijk was voor het ongeval
  6. VR 2017/76 Reisovereenkomst, beroving, bewijswaardering.

    Jurisprudentie
    Geïntimeerde (eiseres in eerste aanleg) heeft met Thomas Cook (appellant) een reisovereenkomst gesloten. Tijdens de reis, toen de bus na zonsondergang enige tijd stilstond op een (grotendeels) onverlicht parkeerterrein, is geïntimeerde beroofd. Zij heeft daarbij letsel opgelopen. Naar het oordeel van het hof is appellant niet reeds aansprakelijk op grond van artikel 7:507 BW wegens het enkele feit dat geïntimeerde beroofd is. In geschil is of appellant al het redelijke heeft gedaan om de beroving te voorkomen. In een tussenarrest is geïntimeerde in de gelegenheid gesteld bewijs te leveren van
  7. VR 2017/77 Begroting smartengeld; gebondenheid bodemrechter aan
    beslissing deelgeschil.

    Jurisprudentie
    X is op 24 november 2011 als voetganger op een zebrapad aangereden door een automobilist. Hij heeft daarbij zeer ernstig (hersen)letsel opgelopen, als gevolg waarvan hij op 8 maart 2012 is overleden. Univé heeft als WAM-verzekeraar van de automobilist volledige aansprakelijkheid erkend. In een deelgeschil tussen de echtgenote van X en Univé heeft de Rechtbank Overijssel een smartengeld van € 125.000,- billijk geacht en Univé veroordeeld tot betaling daarvan. Univé heeft daarop deze bodemprocedure gestart en vordert een verklaring voor recht dat het smartengeld moet worden begroot op € 25.000,-
  8. VR 2017/78 Aardbevingen Groningen, immateriële schade, aantasting in de persoon op andere wijze (ernstige inbreuk op fundamenteel persoonlijkheidsrecht).

    Jurisprudentie
    Twee groepen eisers hebben zowel de NAM als de Staat aansprakelijk gesteld in verband met de aantasting van hun woongenot die voortvloeit uit de aardbevingen in het zgn. Groningenveld. Vrijwel alle eisers wonen of hebben gewoond boven het Groningenveld. Bij de feiten bespreekt de rechtbank de geschiedenis van de aardbevingenproblematiek in Groningen. Daarbij komen onder meer aan de orde een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 18 november 2015, waarin bij wijze van voorlopige voorziening een drastische vermindering van de hoeveelheid te winnen gas werd
  9. VR 2017/79 Arbeidsongeschiktheidsverzekering, whiplash, dekkingsgeschil,
    uitleg polisvoorwaarden.

    Jurisprudentie
    Eiseres heeft bij gedaagde een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten. Het gaat om een sommenverzekering. Blijkens de algemene voorwaarden is voor uitkering vereist dat de verzekerde arbeidsongeschikt is als gevolg van een medisch objectiveerbare ziekte of aandoening. Eiseres is in 2010 met haar auto frontaal op een andere auto gebotst en heeft daarna verschillende klachten ontwikkeld. Een medisch adviseur van gedaagde heeft haar onderzocht en vastgesteld dat er in het geheel geen objectiveerbare aandoening kan worden gevonden. Gedaagde heeft vervolgens dekking geweigerd en daarbij onder
  10. VR 2017/80 Zorgplichtschending; aansprakelijkheid voor ondergeschikte;algemene voorwaarden (exoneratie); oproepen verzekerde bij directe actie.

    Jurisprudentie
    Eiser bezocht met enkele vrienden een concert in Zeeland. Op het terrein werd gebruikgemaakt van zgn. Gators, kleine terreinwagentjes met plaatsen voor twee personen. X reed in opdracht van de organisatie op een Gator en kwam eiser en Y tegen die hem vroegen of zij mee mochten rijden. X weigerde dit. Y is desondanks op de bijrijdersstoel gaan zitten en eiser is achterin geklommen. X is daarop gaan rijden en toen hij een talud opreed is eiser uit de Gator gevallen, waarbij hij hersenletsel heeft opgelopen. Eiser stelt onder meer de organisator van het festival, de eigenaar van de Gator en de
  11. VR 2017/81 Gestolen autosleutel, ramkraak, 'laten rijden'?

    Jurisprudentie
    Op 25 september 2011 is ingebroken bij X, waarbij onder meer de sleutels van een Mini Cooper zijn gestolen. In oktober 2011 is voorts de Mini gestolen, waarmee vervolgens een ramkraak is gepleegd. Het Waarborgfonds heeft de daarbij ontstane schade vergoed aan de benadeelden en wil deze nu verhalen op X en haar verzekeraar. Alle vorderingen in dat verband steunen op de stelling dat gedaagde onvoldoende voorzorgsmaatregelen heeft genomen om te voorkomen dat de Mini na de eerdere inbraak gestolen zou worden. Als gevolg van deze gebrekkige sleuteldiscipline is volgens het Waarborgfonds sprake van
  12. VR 2017/82 Witlox-zaak; dubbel declareren door belangenbehartiger;
    strijd met goede zeden.

    Jurisprudentie
    Gedaagde is letselschadeslachtoffer. Zijn belangen tegenover de aansprakelijke verzekeraar zijn behartigd door mr. Witlox. In de overeenkomst tussen gedaagde en Witlox wordt Witlox enerzijds gemachtigd om zijn kosten rechtstreeks bij de verzekeraar in rekening te brengen. Anderzijds wordt bepaald dat gedaagde 25% van de betaalde schadevergoeding verschuldigd is, zonder dat deze wordt verrekend met door de verzekeraar betaalde vergoedingen voor de buitengerechtelijke kosten. Witlox heeft ruim € 7.500,- gedeclareerd bij de verzekeraar en voorts de "succesfee" van € 7.000,- in mindering gebracht
  13. VR 2017/83 Kop-staartbotsing bij stoplicht; geen schending wettelijk
    voorschrift.

    Jurisprudentie
    A stond voor een stoplicht te wachten met eiser direct achter haar. Bij groen licht is zij opgetrokken, waarna haar motor stilviel en de auto abrupt tot stilstand kwam. Eiser kon daarop niet meer stoppen en is achterop haar auto gebotst. Hij vordert schadevergoeding van de WAM-verzekeraar. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft A geen wettelijk voorschrift geschonden. Zij is immers gaan rijden toen het groen werd - dat de motor daarna stilviel, maakt niet dat zij die regel heeft geschonden. Ook is het weliswaar verboden om gevaar of hinder te veroorzaken, maar blijkens de wetsgeschiedenis
  14. VR 2017/84 Verkeersongeval; verzoek leent zich niet voor behandeling in
    deelgeschil; omvang schadeposten onvoldoende onderbouwd.

    Jurisprudentie
    Verzoeker is in België betrokken geraakt bij een ernstig verkeersongeval. Vittoria heeft als WAM-verzekeraar aansprakelijkheid jegens verzoeker erkend en Van Ameyde ingeschakeld om de schade af te wikkelen. Verzoeker verzoekt in dit deelgeschil dat de omvang van enkele belangrijke schadeposten (onder meer verlies van zelfwerkzaamheid en verlies van verdiencapaciteit) zal worden vastgesteld. De rechtbank stelt allereerst vast dat het een internationaal geschil betreft, maar dat zij op basis van de Herschikte EEX-Verordening bevoegd is om van het geschil kennis te nemen. Ook bestaat tussen
  15. VR 2017/85 Deelgeschil; causaal verband ongeval/klachten; De
    Greef/Zwolsche Algemeene.

    Jurisprudentie
    Op 24 augustus 2008 was verzoekster als passagier betrokken bij een ongeval, waarbij de auto waarin zij zat van achteren werd aangereden door een auto die zo'n 60 km/u harder reeds (100 tegenover 160). Sinds het ongeval uit zij klachten. Er hebben verschillende tweezijdige expertises plaatsgevonden: door een neuroloog, een neuropsycholoog en een verzekeringsarts. De neuroloog en de neuropsycholoog kunnen geen verklaring geven voor de klachten, hoewel die wel consistent lijken te zijn. De neuropsycholoog ziet aanwijzingen voor onderpresteren. De verzekeringsarts neemt beperkingen in het
  16. Vragen van het lid Van Nispen (SP) aan de Minister van Veiligheid en Justitie over het bericht dat de opstelling van verzekeraars bij letselschade verhardt. Antwoord van Minister Blok (Veiligheid en Justitie)

    VR-kort
    Bericht
    08 juni 2017
    Uit het meest recente tweejaarlijkse onderzoek dat het Verbond van Verzekeraars en het Personenschade Instituut van Verzekeraars hebben laten uitvoeren blijkt dat 91% van de zaken binnen twee jaar na de schademelding wordt afgerond. Uit dit onderzoek blijkt ook dat discussies over aansprakelijkheid in 5% van de gevallen de reden is voor een langere afwikkeling dan twee jaar. Dat de afronding in andere gevallen lang duurt, heeft veelal te maken met het bepalen van de omvang van de schade. Het gaat dan om moeilijk vast te stellen schades, bijvoorbeeld schade bij jonge kinderen of hersenletsel
  17. Wat is een behoorlijke verzekering in het kader van goed werkgeverschap?

    VR-kort
    Artikel
    08 februari 2017
    Mr. J.R. Goudkuil Een van de jongste ontwikkelingen op het gebied van werkgeversaansprakelijkheid is de verzekeringsplicht van de werkgever op grond van art. 7:611 BW. De werkgever heeft een verzekeringsplicht in het geval een werknemer zich in het verkeer bevindt in de uitoefening van zijn werkzaamheden. Deze verzekering moet dekking bieden voor bepaalde verkeersrisico’s en moet tevens behoorlijk te zijn. De schending van de verzekeringsplicht wordt gesanctioneerd met aansprakelijkheid ter hoogte van het bedrag waartoe een behoorlijke verzekering zou hebben uitgekeerd, als deze was afgesloten
  18. Wat is redelijk in het kader van buitengerechtelijke kosten?

    VR-kort
    Artikel
    12 april 2017
    Nicolien Verhoeks en Rob Meelker In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag wat als redelijk kan worden beschouwd in het kader van buitengerechtelijke kosten. Of de gemaakte buitengerechtelijke kosten redelijk zijn, wordt getoetst aan de zogenoemde dubbele redelijkheidstoets. De eerste redelijkheidstoets ziet op de vraag of het noodzakelijk is om een deskundige belangenbehartiger in te schakelen. Deze vraag zal in het algemeen niet tot veel discussie leiden. Bij de beoordeling of de gemaakte buitengerechtelijke kosten de tweede redelijkheidstoets kunnen doorstaan, dient de omvang van de
  19. Wat voor sancties passen bij de frauderende claimant?

    VR-kort
    Artikel
    08 juni 2017
    Mr. Chr.H. van Dijk en mr. M.F.J. Hiel Fraude wordt redelijk gemakkelijk en regelmatig gepleegd. Niet alleen door de verzekerde zelf, maar ook door degene die de verzekerde wegens een fout aansprakelijk stelt (de claimant). Een civielrechtelijke bestraffing voor de verzekeringnemer of de tot uitkering gerechtigde die in de relatie met zijn verzekeraar fraude pleegt, bestaat in art. 7:941 lid 5 BW: als hij partieel fraudeert vervalt in beginsel geheel het recht op uitkering voor zijn werkelijke schade. Niet in de wet is gecodificeerd wat moet gebeuren indien degene die de verzekerde wegens een
  20. Weer meer verkeersdoden

    VR-kort
    Bericht
    12 mei 2017
    In 2016 kwamen 629 mensen om in het verkeer. Dat zijn 8 personen meer dan in 2015, het jaar waarin het aantal verkeersdoden met 51 toenam. Onder bestuurders van personenauto’s vielen naar verhouding de meeste dodelijke verkeersslachtoffers (30 procent). Onder automobilisten van 18 tot 25 jaar en 75 jaar of ouder was het percentage dat verongelukte het grootst. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS. In 2016 kwamen 231 inzittenden van een personenauto om het leven, dit waren 186 bestuurders en 45 passagiers. Hiernaast overleden onder andere 189 fietsers, 51 voetgangers, 38 bestuurders van

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!