Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Jurisprudentie
Aan betrokkene is een Wahv-sanctie opgelegd, omdat hij als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat zou hebben vastgehouden. Betrokkene voert aan dat hij handsfree belde via bluetooth en dat zijn telefoon op de middenconsole achter de versnellingspook tegen het dashboard stond. Volgens betrokkene gaf hij de telefoon af en toe een tikje om deze recht te zetten, maar hield hij de telefoon niet vast. Het hof oordeelt eerst dat de kantonrechter het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens het ontbreken van gronden. Uit het beroepschrift blijkt namelijk dat
Jurisprudentie
/Aan de betrokkene is een Wahv-sanctie opgelegd omdat hij als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat zou hebben vastgehouden. De ambtenaar verklaart dat de betrokkene tijdens het rijden met zijn rechterhand om zijn mobiele telefoon en de houder zat, terwijl hij de telefoon met zijn duim bediende. De betrokkene voert aan dat de telefoon in een houder zat en dat hij de telefoon kon bedienen zonder deze vast te houden. Het hof stelt voorop dat artikel 61a RVV 1990 niet het bedienen van een mobiele telefoon verbiedt, maar het vasthouden daarvan. Volgens het hof kan ook
Jurisprudentie
Aan de betrokkene is een Wahv-sanctie opgelegd, omdat hij als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat zou hebben vastgehouden. De ambtenaar verklaart dat de betrokkene tijdens het rijden een mobiel apparaat in zijn hand hield en daarnaar keek. De gemachtigde voert aan dat de gedraging niet kan worden vastgesteld, omdat onvoldoende blijkt dat het ging om een mobiel elektronisch apparaat in de zin van artikel 61a RVV 1990. Het hof volgt dit betoog niet. Uit de getuigenverklaring en de door de gemachtigde overgelegde afbeelding volgt dat het apparaat volgens de betrokkene
Jurisprudentie
Aan betrokkene was op 23 augustus 2024 een administratieve sanctie van € 180,- opgelegd wegens het rijden op de middelste rijstrook van de A27 bij Nieuwegein met een bestelbus van meer dan twee meter breed. Voor deze overtreding gold voor 1 maart 2024 een boete van € 160,-. De kantonrechter toetst de algemene maatregel van bestuur waarbij de Wahv-sanctietarieven worden verhoogd exceptief aan hoger recht, waaronder het evenredigheidsbeginsel. Daarbij wordt gekeken naar de doelen, geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid van de verhoging. Hoewel de ministers een grote mate van politiek
Jurisprudentie
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie van € 300,- voor het als bestuurder gebruiken van een puntstuk op de A12 te Bunnik. Betrokkene stelt dat het boetebedrag onevenredig hoog is. Volgens betrokkene is de verhoging van de Wahv-boetes per 1 maart 2024 met gemiddeld 10 % in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De verhoging van 10 % bestond uit 5,7 % indexatie vanwege inflatie en een beleidsmatige verhoging van 4,3 %. De kantonrechter overweegt dat het besluit waarbij de boetebedragen zijn verhoogd, kan worden getoetst aan algemene rechtsbeginselen, waaronder het evenredigheidsbeginsel
Jurisprudentie
Aan betrokkene was een sanctie van € 436,- (gematigd tot €327,- door de kantonrechter wegens overschrijding van de redelijke termijn van berechting in eerste aanleg) opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 36 km/u op de autosnelweg. De gemachtigde stelt dat de snelheidsmeting ongeldig was, omdat de ambtenaar drie voertuigen tegelijk had gemeten en onduidelijk was welk voertuig precies was gemeten. Het hof verwerpt dit verweer. Het hof overweegt dat noch uit de wet, noch uit jurisprudentie blijkt dat het gelijktijdig meten van meerdere voertuigen niet is toegestaan. Uit het zaakoverzicht
Jurisprudentie
Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 120,- opgelegd omdat hij met de fiets is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar stelt dat dit verkeerslicht alleen voor automobilisten gold. Volgens hem stond iets verderop een apart fietsersverkeerslicht op groen en mocht hij daarom doorfietsen. Hof oordeelt dat het rode verkeerslicht ook voor fietsers gold. Het verkeerslicht gold voor verkeer vanuit de richting waar betrokkene vandaan kwam, waaronder fietsers. Dat blijkt mede uit de fietsruimte op het wegdek, de stopstreep vóór het
Jurisprudentie
Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 190,- opgelegd omdat hij met een bromscooter is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar voert aan dat de detectielussen in de weg zijn scooter niet registreerden, waardoor het verkeerslicht niet op groen sprong. Hij stelt dat hij ongeveer drie minuten heeft gewacht en pas is doorgereden toen het fietsverkeerslicht voor rechtdoor groen was en geen ander verkeer aanwezig was. Het hof acht aannemelijk dat de detectielussen de scooter niet registreerden en dat het verkeerslicht daardoor niet
Jurisprudentie
Verbalisant 1 constateerde dat betrokkene tijdens het rijden een mobiel apparaat vasthield en gaf dit door aan verbalisant 2, die een boete oplegde. Volgens betrokkene is deze werkwijze in strijd met artikel 3 lid 2 Wahv, omdat verbalisant 2 de gedraging niet zelf heeft vastgesteld. Ook stelt hij dat hij niet een mobiel apparaat, maar een afstandsbediening vasthield. Het hof oordeelt dat een redelijke wetsuitleg meebrengt dat de sanctie ook door de ambtenaar die de staandehouding verricht mag worden opgelegd, mits de waarnemingen in het proces-verbaal worden opgenomen. Daaraan is voldaan
Jurisprudentie
Aan betrokkene was een verkeersboete van € 289,- opgelegd wegens het niet zoveel mogelijk rechts houden op de weg. Betrokkene voerde aan dat sprake was van dubbele bestraffing in strijd met het ne bis in idem-beginsel, omdat voor dezelfde gedraging ook een andere sanctie was opgelegd. Daarnaast werd een beroep gedaan op overschrijding van de redelijke termijn en verzocht betrokkene om een proceskostenvergoeding. De kantonrechter oordeelde dat het ne bis in idem-beginsel niet van toepassing is binnen de Wahv. Ten tijde van de gedraging was slechts de Aanwijzing administratiefrechtelijke