dood door schuld

VR 2023/71 Dood en zwaar lichamelijk letsel door schuld. Aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend. Duisternis.

Jurisprudentie

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het overtreden van artikel 6 WVW, door als bestuurder van een bestelauto aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend te zijn geweest in het verkeer. Hij heeft rond 04.00 uur op straatnaam 1 gereden en tijdens het rijden - terwijl sprake was van afwijkend gebruik van voornoemde weg - onvoldoende gelet op de weg voor hem en op eventuele overige verkeersdeelnemers op die weg. Daardoor is een aanrijding ontstaan tussen het voertuig van de verdachte en een groep festivalgangers die op deze weg zat. Ten gevolge van deze aanrijding is slachtoffer 1 overleden

VR 2023/67 Aanmerkelijke schuld in artikel 6 Wegenverkeerswet 1994 – wat is de maatstaf?

Artikel
VR2023-6_illu
‘Voor schuld is meer nodig dan het veronachtzamen van de voorzichtigheid en oplettendheid die van een normaal oplettende bestuurder mag worden verwacht.' ‘De meetlat waarlangs het optreden van de bestuurder wordt gelegd, bestaat uit de eisen die aan de gemiddeld oplettende en verstandige weggebruiker mogen worden gesteld. Blijft de verdachte daarbij aanzienlijk achter, dan handelt hij met de door artikel 6 WVW vereiste schuld.’ ‘Voor de bewezenverklaring van dood door schuld is vereist dat de dader minder nagedacht heeft, minder wist, minder beleid aanwendde en minder oplettend was dan de mens in het algemeen.’ ‘Het is en blijft een hachelijke maatstaf die de rechter in deze ter beschikking staat, maar er is geen alternatief.’

VR 2023/62 Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Mate van schuld. Voorrangsvoertuig.

Jurisprudentie

De verdachte reed als bestuurder van een politievoertuig met optische en geluidssignalen met een snelheid ver boven de ter plaatse geldende snelheid en kwam daarbij in aanrijding met een van rechts komend voertuig waarvan de bestuurder zwaar gewond is geraakt. Aangezien de verdachte vanuit een (rij)richting kwam die het slachtoffer niet hoefde te verwachten, moest door de verdachte worden geanticipeerd op de mogelijkheid dat het slachtoffer zou (kunnen) optrekken. Het gebruik van optische en geluidssignalen maakt dat niet anders. Het beroep op overmacht/noodtoestand gaat niet op omdat volgens

VR 2023/54 Dood door schuld. Mate van schuld. Aanmerkelijk onvoorzichtig. Laadklep.

Jurisprudentie

Op 28 maart 2019 heeft de verdachte zijn vrachtwagen (een trekker met oplegger) geparkeerd in een flauwe bocht op de rechterzijde van de Terletstraat in ’s-Gravenhage, met het doel goederen te lossen. De verdachte heeft vervolgens de laadklep van de oplegger geopend en in een horizontale positie, op dezelfde hoogte als de vloer van de oplegger, gebracht. De alarmlichten van de trekker/oplegger stonden aan en de openstaande laadruimte was verlicht. De laadklep was niet voorzien van lampen of vlaggen. Ook werden geen andere middelen aangetroffen die het verkeer waarschuwden voor het gevaar van

VR 2023/53 Dood door schuld. Verdenking van rijden onder invloed.

Jurisprudentie

De verbalisanten hebben, gelet op de omstandigheden van de situatie, waaronder het feit dat er aanwijzingen waren dat verdachte een fietser niet of te laat had opgemerkt, de geur van alcoholgebruik bij verdachte en zijn bloeddoorlopen ogen, tot de conclusie kunnen komen dat er jegens verdachte een verdenking was gerezen ter zake van rijden onder invloed. Dat verdachte bij een voorlopig ademonderzoek een indicatie 'P/A' - een indicatie van een ademalcoholgehalte van boven de 95 µg/l, met een bereik tussen de 170-300 µg/l - blies doet daar niets aan af. Van enigerlei vormverzuim, laat staan

VR 2023/16 Compassie met veroorzakers van ernstige verkeersongevallen?

Column 14 februari 2023
In dagblad Trouw van 2 februari 2022 stond een bijdrage van de advocaten Willem Backer en Rafael Schreudering getiteld ‘Onderbuikpolitiek ondergraaft legitimiteit strafrecht’. Zij gingen in op het maatschappelijk sentiment en reacties in politiek en samenleving die dikwijls worden opgeroepen door ernstige verkeersongevallen, vooral als de veroorzaker van een ongeval zich schuldig heeft gemaakt aan ernstig verkeerswangedrag. De publieke opinie is voor veroorzakers van ernstige verkeersongevallen vaak vernietigend en reacties in politieke kringen bestaande uit een oproep tot strenge bestraffing worden herhaaldelijk beheerst door de onderbuik. Ter illustratie wijzen Backer en Schreudering op de commentaren die verschenen naar aanleiding van het verkeersongeval dat is veroorzaakt door de voetballer Rai Vloet. Die berichtgeving hebben Backer en Schreudering ‘met ergernis’ gevolgd. Als het onderzoek door de politie evenwel nog gaande is en de zaak zelfs nog voor de rechter moet worden gebracht, is terughoudendheid geboden met de roep om vergelding. Als tegenwicht tegen de publieke opinie en politieke onderbuikgevoelens is in de strafrechtelijke procedure een kritisch oordelende strafrechter onmisbaar, zo geven Backer en Schreudering aan.

VR 2023/23 Dood door schuld. Strafmaat. Redelijke termijn.

Jurisprudentie

Verdachte is, onder invloed van drank en cannabis, als bestuurder van een personenauto ter hoogte van een rotonde tegen een trottoirband gereden, waardoor hij met zijn personenauto over de kop is geslagen en tegen een lantaarnpaal is gebotst, waarbij een inzittende uit de auto is geslingerd en is komen te overlijden (art. 6 WVW1994). Het betreft een zeer ernstig feit dat met name voor de nabestaanden van het slachtoffer, die ten tijde van het ongeval 28 jaar was, onherstelbaar leed moet hebben toegebracht. Daarbij heeft verdachte de grenswaarde voor het gebruik van alcohol fors overschreden

VR 2023/20 Zwaar lichamelijk letsel door schuld. Roekeloosheid. Inhalen. Maximumsnelheid.

Jurisprudentie

De verdachte is als bestuurder van een auto op een smallere weg, terwijl er vanwege duisternis en mist een beperkt zicht was, evident gevaarlijk een andere auto gaan inhalen. Daardoor heeft hij een tegemoetkomende bromfietser aangereden die daardoor zwaar lichamelijk letsel opliep. Daarbij heeft verdachte, gezien het type weg en het beperkte zicht, een uitzonderlijk hoge en onverantwoorde snelheid gehanteerd. Met dergelijk weggedrag heeft verdachte bewust onverantwoorde risico’s genomen, daarmee geen enkel respect getoond voor de belangen van andere verkeersdeelnemers en daarmee laten zien

VR 2022/169 Dood door schuld. Roekeloosheid. Rijden onder invloed. Strafmaat. LOVS-oriëntatiepunten. Doorrijden na ongeval. Benadeelde partij. Affectieschade. Shockschade.

Jurisprudentie

De verdachte bestuurde een Audi A6 en reed onder invloed van veel alcohol (1,68 promille) met zeer hoge snelheid (130 km/u) door rood licht de kruising op. Hij botste vervolgens tegen een Volkswagen Up die op dat moment werd bestuurd door het slachtoffer. Als gevolg van deze botsing is zij ter plaatse overleden. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een aantal van de in de artikel 5a WVW genoemde gedragingen, namelijk het niet verlenen van voorrang, het overschrijden van de maximumsnelheid en het door rood rijden. Daarbij was sprake van een ernstige mate van overtreding van die

VR 2022/85 Dood door schuld. Roekeloosheid. Straatrace?

Jurisprudentie

De verdachte heeft zich als bestuurder van een auto roekeloos gedragen. Binnen de bebouwde kom heeft de verdachte met een snelheid van tussen de 147 km/uur en 168 km/uur gereden daar waar een maximumsnelheid van 50 kilometer gold. Hij heeft zich daarbij laten leiden door het rijgedrag van een andere bestuurder. Nadat hij deze bestuurder met zeer hoge snelheid heeft ingehaald, heeft hij waargenomen dat het latere slachtoffer doende was de weg over te steken. Anticiperend daarop heeft hij een stuurbeweging naar links gemaakt, als gevolg waarvan hij in botsing is gekomen met slachtoffer 1