Zoeken

622 resultaten gevonden

  1. Verzekering en exoneratie

    VR-kort
    Artikel
    09 september 2015
    Mr. J.H. Duyvensz Op grond van een exoneratie wordt een wettelijke verplichting tot schadevergoeding, ontstaan door een wanprestatie of onrechtmatige daad, uitgesloten of beperkt. Een van de manieren waarop dat gebeurt, is door de aansprakelijkheid af te stemmen op de uitkering onder een verzekering, zoals die door de schuldenaar is afgesloten. Het merendeel van de exoneraties bevat echter geen concrete verwijzing naar een afgesloten verzekering, maar sluit eenvoudigweg de aansprakelijkheid uit of beperkt deze tot bijvoorbeeld het factuurbedrag of een ander bepaald bedrag. Maar ook bij de
  2. Verzekeringsdekking en causaliteit: meer uitleg, minder dogmatiek: drie kanttekeningen en één uitwerking naar aanleiding van Hoge Raad jurisprudentie

    VR-kort
    Artikel
    18 oktober 2022
    Causaal verband speelt een wezenlijke rol bij schadeverzekering. Niet alleen is schade op zichzelf een causaal begrip, maar bovenal is causaal verband vaak een expliciet onderdeel van het verzekerd risico. Dit geldt met name voor zgn. ‘named perils’-verzekeringen, waarbij de polis dekking biedt tegen schade ‘door’, ‘als gevolg van’, ‘in verband met’, etc. bepaalde gebeurtenissen, zoals brand, storm of inbraak.
  3. Verzwijging en causaal verband: over de redelijk handelend verzekeraar

    VR-kort
    Artikel
    11 juli 2018
    Mr. J.W. Hoekzema Een aspirant-verzekeringnemer moet vóór het aangaan van een verzekering de verzekeraar de feiten meedelen die hij kent of behoort te kennen en waarvan hij weet of behoort te begrijpen dat daarvan de beslissing van de verzekeraar afhangt of kan afhangen om de verzekering te sluiten (art. 7:928 lid 1 BW). Art. 7:930 BW regelt de gevolgen van het niet-voldoen aan deze mededelingsplicht. In twee gevallen hoeft de verzekeraar bij een schending van de mededelingsplicht niet uit te keren. Dat is het geval als de verzekeraar bij kennis van de ware stand van zaken geen verzekering zou
  4. Via de deelgeschilprocedure of een voorlopig deskundigenbericht

    VR-kort
    Artikel
    16 november 2021
    Babette van Beest Partijen kunnen een medisch deskundige inschakelen bij een discussie over het causaal verband tussen de klachten en de gebeurtenis die aansprakelijkheid schept. Die deskundige kan het verband in kaart brengen. Maar wat als een van de partijen niet wil meewerken aan de inschakeling van een deskundige? Kan een partij, doorgaans het slachtoffer, dan het best de deelgeschilrechter om een bevel tot medewerking verzoeken of is het voorlopig deskundigenbericht conform art. 202 Rv thans de geëigende weg? Met de deelgeschilprocedure kan een eenvoudige en snelle toegang tot de rechter
  5. Vijf jaar deelgeschilprocedure – een evaluatie

    VR-kort
    Artikel
    11 november 2015
    Mr. S.J. de Groot en mr. J.E. van Oers Bij de inwerkingtreding van de Wet deelgeschilprocedure in 2010 heeft de minister aangekondigd binnen vier jaar verslag te doen over de doeltreffendheid en de effecten van de wet in de praktijk. In dit kader is in 2014 door mr. W. Wesselink in opdracht van het WODC onderzoek verricht naar de ervaringen met de deelgeschilprocedure. Het doel van de Wet deelgeschilprocedure is vereenvoudiging en versnelling van de buitengerechtelijke afhandeling van personenschadezaken. In de evaluatie stond de vraag centraal of de deelgeschilprocedure inderdaad aan deze
  6. Visie op de nieuwe aanpak voor het confrontatiecriterium bij shockschade en op de samenloop met affectieschade

    VR-kort
    Artikel
    18 oktober 2022
    Op 28 juni 2022 wees de Hoge Raad een spraakmakend arrest over shockschade in de strafzaak over het drama in Hoogeveen. In deze zaak werd een smartengeldclaim voor shockschade tot een bedrag van € 20.000 toegewezen van een vader die zich als benadeelde partij had gevoegd in de strafzaak tegen zijn (ex-)vrouw.
  7. Voertuigautomatisering en productaansprakelijkheid

    VR-kort
    Artikel
    07 juni 2018
    Dr. mr. K.A.P.C. van Wees Binnen een paar jaar lijkt de introductie van de zelfrijdende auto een feit te zijn. Merken als Tesla, BMW en Mercedes hebben reeds semi-autonome auto’s op de markt gebracht die in staat zijn onder bepaalde condities automatisch te rijden (sturen, remmen en gas geven). Die systemen werken echter nog niet feilloos. Van de bestuurder wordt dan ook verwacht dat hij nog steeds blijft opletten en direct kan ingrijpen als er iets misgaat. Diverse autoproducenten hebben aangekondigd binnen enkele jaren volledig zelfrijdende auto’s op de markt te brengen. Van automatisering
  8. Voertuigen zonder bestuurder aan boord de weg op

    VR-kort
    Artikel
    13 maart 2017
    Voertuigen kunnen binnen afzienbare tijd in Nederland zonder bestuurder erin de openbare weg op. Het kabinet heeft op voorstel van minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu ingestemd met een wetsvoorstel dat experimenten met zelfrijdende voertuigen zonder bestuurder erin mogelijk maakt. Met het wetsvoorstel Experimenteerwet zelfrijdende auto zorgt de minister ervoor dat fabrikanten meer mogelijkheden krijgen om te testen met zelfrijdend vervoer, doordat wettelijke barrières verdwijnen. Minister Schultz: “Hiermee zetten we in Nederland weer een mooie stap naar de introductie van
  9. Voldoende belang in collectieve acties: drie maal artikel 3:303 BW

    VR-kort
    Artikel
    11 juli 2018
    T. Bleeker Artikel 3:303 BW bepaalt dat zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toekomt. In de rechtspraktijk is voldoende belang evenwel een ambigu leerstuk, dat men met enige regelmaat vergeet toe te passen. Vooral bij algemeen belang-acties blijkt art. 3:303 BW de nodige problemen op te leveren. In het veelbesproken Urgenda-vonnis heeft de rechtbank bijvoorbeeld nagelaten te toetsen aan het vereiste van voldoende belang en hebben partijen sterk uiteenlopende ideeën over de betekenis van art. 3:303 BW. Ook in de rechtszaak van Milieudefensie tegen de Staat inzake de
  10. Voordeelstoerekening van uitkeringen (on)redelijk?

    VR-kort
    Artikel
    15 mei 2014
    Mr. dr. E.J. Wervelman Het Hof Den Bosch heeft zich op 11 februari 2014 uitgesproken over het antwoord op de vraag of een uitkering uit hoofde van een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering als voordeel in mindering mag worden gebracht op de schadevergoeding bij een letselschadeclaim. De beschikking van het hof is tot op heden de eerste uitspraak in hoger beroep sinds het arrest van de Hoge Raad van 1 oktober 2010 over deze materie. In deze zaak waren de partijen verdeeld over de vraag of de aansprakelijkheidsverzekeraar bij de afwikkeling van de letselschade uit hoofde van artikel 6
  11. Voordeelstoerekening volgens het arrest Verhaeg/Jenniskens: duidelijkheid of debat?

    VR-kort
    Artikel
    13 maart 2017
    Mr. J.W. Silvius Heeft eenzelfde gebeurtenis voor de benadeelde naast schade tevens voordeel opgeleverd, dan moet, voor zover dit redelijk is, dit voordeel bij de vaststelling van de te vergoeden schade in rekening worden gebracht, aldus art. 6:100 BW. Verzekeringsuitkeringen vormen een belangrijke categorie van voordelen. Het is omstreden of het redelijk is om uitkeringen uit verzekeringen in mindering te brengen op de vergoeding van letselschade. Door het toerekenen van een voordeel uit een verzekering zou de schadeplichtige profiteren van een ten gunste van de benadeelde afgesloten
  12. Voordeelstoerekening: leuker kunnen we het niet maken, wel inzichtelijker

    VR-kort
    Artikel
    16 augustus 2017
    Mr. S.S.Y. Engelen en prof. mr. A.L.M. Keirse In het op 8 juli 2016 gewezen arrest TenneT/ABB formuleert de Hoge Raad een nieuwe maatstaf voor de beoordeling van een beroep op voordeelstoerekening, zoals neergelegd in artikel 6:100 BW. Hierbij komt de Hoge Raad expliciet terug op zijn eerdere rechtspraak over dit artikel. Hoewel het arrest in de mededingingsrechtelijke sfeer is gewezen, is het arrest ook daarbuiten van belang. Het leerstuk van voordeelstoerekening maakt immers deel uit van afdeling 6.1.10 BW, die een algemene regeling voor de wettelijke verplichting tot schadevergoeding geeft
  13. Voordeelverrekening na het Verhaeg/Jenniskens-arrest

    VR-kort
    Artikel
    11 september 2014
    Mr. E.W. Bosch Heeft eenzelfde gebeurtenis voor de benadeelde naast schade tevens voordeel opgeleverd, dan moet dat voordeel, voor zover dit redelijk is, bij de begroting van de schade op de schade in mindering worden gebracht. Dit uitgangspunt volgt uit artikel 6:100 BW. In zijn arrest van 28 november 1969 heeft de Hoge Raad als algemeen uitgangspunt bepaald dat uitkeringen uit hoofde van sommenverzekeringen niet verrekend mogen worden bij de vergoeding van letselschades. De Hoge Raad achtte het bestaan van een sommenverzekering een aangelegenheid die de laedens niet aangaat. De praktijk was
  14. Voortdurende gedragingen en de subjectieve verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW

    VR-kort
    Artikel
    16 september 2020
    E.F. Verheul In de Nederlandse literatuur bestaat nauwelijks aandacht voor de vraag in hoeverre de omstandigheid dat een schadeveroorzakende gedraging een voortdurend karakter heeft, tot bijzonderheden leidt bij de toepassing van de subjectieve verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW. Uit het arrest TMG/Staat blijkt dat het voortdurende karakter van een gedraging ook in het kader van de subjectieve verjaringstermijn van belang kan zijn. Dit arrest is de aanleiding om in dit artikel meer in algemene zin te onderzoeken op welke wijze in het kader van de subjectieve verjaringstermijn moet
  15. Vragen van het lid Van Nispen (SP) aan de Minister van Veiligheid en Justitie over het bericht dat de opstelling van verzekeraars bij letselschade verhardt. Antwoord van Minister Blok (Veiligheid en Justitie)

    VR-kort
    Bericht
    08 juni 2017
    Uit het meest recente tweejaarlijkse onderzoek dat het Verbond van Verzekeraars en het Personenschade Instituut van Verzekeraars hebben laten uitvoeren blijkt dat 91% van de zaken binnen twee jaar na de schademelding wordt afgerond. Uit dit onderzoek blijkt ook dat discussies over aansprakelijkheid in 5% van de gevallen de reden is voor een langere afwikkeling dan twee jaar. Dat de afronding in andere gevallen lang duurt, heeft veelal te maken met het bepalen van de omvang van de schade. Het gaat dan om moeilijk vast te stellen schades, bijvoorbeeld schade bij jonge kinderen of hersenletsel
  16. Waarborgen dat het slachtoffer zijn toekomstschade daadwerkelijk kan dragen

    VR-kort
    Artikel
    08 november 2018
    Mr. J.G. Keizer Als er sprake is van blijvend letsel, waarbij ook de arbeidscapaciteit van de benadeelde duurzaam is aangetast, wordt er in letselschadezaken in overgrote meerderheid gekozen om de toekomstschade op enig moment af te wikkelen, waarbij de toekomstschade via een ‘som ineens’ (analoog aan artikel 6:105 BW) wordt uitgekeerd. Aan de benadeelde die bijvoorbeeld door verlies aan verdienvermogen en/of kosten voor verpleging en verzorging jaarlijks schade zal leiden, moet dan een kapitaal worden uitgekeerd dat toereikend is om ieder jaar een bedrag ter hoogte van die jaarschade te
  17. Waarborgfonds Motorverkeer: partner van Meldpunt Veilig Verkeer

    VR-kort
    Bericht
    11 november 2015
    Het Waarborgfonds Motorverkeer gaat het Meldpunt Veilig Verkeer van Veilig Verkeer Nederland (VVN) ondersteunen om het Nederlandse verkeer nog veiliger te maken. Dit is 4 november bekend gemaakt tijdens het 50-jarig Jubileumcongres van het Waarborgfonds. Met de samenwerking willen de partijen het doen van meldingen van verkeersonveilige situaties stimuleren en bewoners ondersteunen hun eigen buurt verkeersveiliger te maken. Naast een financiële bijdrage van het Waarborgfonds Motorverkeer aan VVN bestaat de samenwerking ook uit het delen van kennis en communicatielijnen tussen beide partijen
  18. Waarom het rekensjabloon van het nieuwe model moet worden aangepast

    VR-kort
    Artikel
    07 februari 2019
    Mr. J.M. Tromp In november 2014 is door de werkgroep ‘Denktank Overlijdensschade’ (hierna: de Denktank) een nieuwe methode gelanceerd voor de berekening van een overlijdensschade. Dat nieuwe model bestaat uit twee delen, te weten een economisch rekendeel 1, dat normatief neutraal is, en een juridisch deel 2, waarin keuzes kunnen worden gemaakt. Zo is in deel 2 discussie mogelijk met betrekking tot onder andere 1. de verrekening van tot uitkering gekomen verzekeringen, 2. de verdeling van de schade over de nabestaanden en 3. de vraag of het schadebedrag voor een minderjarig kind op een BEM
  19. Wat is een behoorlijke verzekering in het kader van goed werkgeverschap?

    VR-kort
    Artikel
    08 februari 2017
    Mr. J.R. Goudkuil Een van de jongste ontwikkelingen op het gebied van werkgeversaansprakelijkheid is de verzekeringsplicht van de werkgever op grond van art. 7:611 BW. De werkgever heeft een verzekeringsplicht in het geval een werknemer zich in het verkeer bevindt in de uitoefening van zijn werkzaamheden. Deze verzekering moet dekking bieden voor bepaalde verkeersrisico’s en moet tevens behoorlijk te zijn. De schending van de verzekeringsplicht wordt gesanctioneerd met aansprakelijkheid ter hoogte van het bedrag waartoe een behoorlijke verzekering zou hebben uitgekeerd, als deze was afgesloten
  20. Wat is redelijk in het kader van buitengerechtelijke kosten?

    VR-kort
    Artikel
    12 april 2017
    Nicolien Verhoeks en Rob Meelker In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag wat als redelijk kan worden beschouwd in het kader van buitengerechtelijke kosten. Of de gemaakte buitengerechtelijke kosten redelijk zijn, wordt getoetst aan de zogenoemde dubbele redelijkheidstoets. De eerste redelijkheidstoets ziet op de vraag of het noodzakelijk is om een deskundige belangenbehartiger in te schakelen. Deze vraag zal in het algemeen niet tot veel discussie leiden. Bij de beoordeling of de gemaakte buitengerechtelijke kosten de tweede redelijkheidstoets kunnen doorstaan, dient de omvang van de

Zoektips

  • Check of de spelling van de zoekterm klopt
  • Weet u het publicatienummer van een uitspraak of artikel, toets dan bijvoorbeeld in “2021/68”. Het publicatienummer dient dus tussen aanhalingstekens te staan. (N.B.: artikelen hebben vanaf 2011 een publicatienummer; uitspraken hebben allemaal een publicatienummer.) Om een artikel of uitspraak te vinden met een publicatienummer onder de 10 of vlak onder de 100, is het soms nodig om er een nul voor te typen. Bijvoorbeeld “2022/08” of “2021/090”.
  • Gebruik meerdere zoektermen voor een zo relevant mogelijk resultaat:
    • Zoekt u een artikel/uitspraak waarin zowel ‘auto’ als ‘stoplicht’ voorkomt, toets dan in: auto AND stoplicht
    • Zoekt u op één van de woorden, dan toetst u de woorden gewoon los in (auto stoplicht). Het zoekresultaat bevat dan alle artikelen/uitspraken/columns waarin auto en/of stoplicht voorkomt.

Nog niet gevonden wat u zoekt? Neem contact met ons op. Wij helpen u graag!